Onderwijs Onderzoek Actueel Over de VU EN
Login als
Studiekiezer Student Medewerker
Bachelor Master VU for Professionals
HOVO Amsterdam VU-NT2 VU Amsterdam Summer School Honoursprogramma Universitaire lerarenopleiding
Promoveren aan de VU Uitgelicht onderzoek Prijzen en onderscheidingen
Onderzoeksinstituten Onze wetenschappers Research Impact Support Portal Impact maken
Nieuws Agenda Vrouwen aan de top
Israël en Palestijnse gebieden Cultuur op de campus
Praktische informatie VU en innovatiedistrict Zuidas Missie en Kernwaarden
Organisatie Samenwerking Alumni Universiteitsbibliotheek Werken bij de VU
Sorry! The information you are looking for is only available in Dutch.
Deze opleiding is opgeslagen in Mijn Studiekeuze.
Er is iets fout gegaan bij het uitvoeren van het verzoek.
Er is iets fout gegaan bij het uitvoeren van het verzoek.

Veelgestelde vragen over de mastertrack Onderwijs en Innovatie

Heb je vragen over de mastertrack Onderwijs en Innovatie of over studeren aan de VU Amsterdam?

In onderstaand overzicht hebben we de veelgestelde vragen op een rij gezet. Staat je vraag er niet bij? Bekijk de mastertrack-pagina's van Onderwijs en Innovatie of neem contact op via onderstaande contactgegevens.

FAQ's - Veelgestelde vragen mastertrack Onderwijs en Innovatie

  • Uit welke tracks kan ik kiezen?

    De master kent twee verschillende tracks: Orthopedagogiek en Onderwijs en Innovatie. Je kiest één van deze tracks en volgt de vakken die daarbij horen. Deze FAQ gaat over Onderwijs en Innovatie.

  • Waar vind ik een overzicht van de vakken?

    • In de studiegids vind je informatie over de inhoud van de vakken, toetsvormen en de benodigde literatuur
    • In het jaarschema zie je het hele studieprogramma van de master met alle vakken en hoeveel studiepunten (EC) ervoor staan
    • Het jaar is ingedeeld in periodes: periode 1, 2, 4 en 5 duren acht weken, periode 3 en 6 duren vier weken. De academische jaarkalender vind je hier.
  • Hoe wordt het onderwijs georganiseerd

    • Het onderwijs wordt op dit voor het grootste deel op de Campus georganiseerd
    • We maken gebruik van kennisclips en live werkgroepen en Q&A sessies
  • Hoe ziet een onderwijsperiode eruit?

    • Elke onderwijsperiode volg je één of meerdere vakken
    • Elk vak bestaat uit hoorcolleges en/of werkcolleges of practica
    • Het is belangrijk dat je je voor elk hoor-/werkcollege goed voorbereidt. De voorbereiding vind je in de studiehandleiding van het vak
    • Onderwijs volg je op de vrijdag. De overige dagen zijn voor zelfstudie, groepsopdrachten, stage en these
  • Hoe wordt er getoetst?

    • De toetsing verschilt per vak en staat beschreven in de studiegids
    • De toetsing bestaat uit het schrijven van verschillende producten (geen tentamens), zoals een praktijkartikel
  • Wat zijn de struikelvakken in deze master?

    Voor sommige studenten is het schrijven van de M-these een uitdaging; gelukkig word je daar goed bij begeleid door je begeleider

  • Is de master in het Engels?

    De onderwijsbijeenkomsten zijn in het Nederlands, de literatuur is veelal in het Engels. Verslagen worden in het Nederlands geschreven. Voor de M-these mag de student kiezen om deze in het Engels te schrijven.

  • In hoeverre is statistiek onderdeel van deze master?

    • Statistiek maakt geen expliciet onderdeel uit van de master (er is geen vak ‘Statistiek’), maar komt wel terug in de vakken die voorbereiden op het schrijven van de M-these
    • Bij het schrijven van de M-these gebruik je alle statistische kennis en vaardigheden die je tijdens je bachelor hebt opgedaan
  • Hoe ziet de stage eruit?

    Als stage kun je kiezen voor een praktijkstage of een onderzoeksstage. Gedetailleerde informatie over de stage vind je hier.

    Voor vragen kun je contact opnemen met stagecoördinator Anne de Bruijn a.g.m.de.bruijn@vu.nl.

  • Kan ik naast de master werken?

    • De master is een eenjarige voltijdopleiding: je besteedt er ongeveer 40 uur per week aan
    • Als je de master verspreidt over twee jaar kun je ernaast blijven werken
    • Spreid je je studie over twee jaar? Volg dan in het eerste jaar de theoretische vakken en in het tweede jaar de stage en M-these
  • Kan ik tijdens mijn opleiding studeren in het buitenland?

    • De VU biedt je mogelijkheden voor een these in het buitenland
    • Studeren in het buitenland kan leiden tot enige studievertraging, dus neem tijdig contact op met de studieadviseurs
    • Meer informatie: klik hier.
  • Wat wordt er binnen de master verstaan onder de term ‘onderwijsinnovatie’?

    Vanzelfsprekend wordt in de master – in het bijzonder in het vak Innovatie en Goed Onderwijs: Theorie – aandacht besteed aan de betekenis van de term ‘onderwijsinnovatie’. We spreken van een onderwijsinnovatie spreken wanneer er in het onderwijs op enig niveau (micro, meso, macro) sprake is van een verandering (door de introductie van iets nieuws) die als een verbetering wordt beschouwd, en waarbij sprake is van een min of meer systemische implementatie – ook als het om een verandering op microniveau gaat. Dat laatste criterium geeft aan dat het niet om een kleine, marginale of eenmalige verandering gaat, maar om een consequent doorgevoerde aanpassing die de onderwijspraktijk ook echt en min of meer duurzaam verandert. Tegelijkertijd kunnen innovaties zowel grootschalig (gehele onderwijssysteem) als kleinschalig zijn (bv. verbeteren van de kwaliteit van gesprekken in een klas).

    In de master willen we vooral denkgereedschappen en kennis aandragen, die studenten in staat stellen geïnformeerd en kritisch te reflecteren op het innovatiediscours en op voorbeelden van (veronderstelde) onderwijsinnovaties.

    Er kunnen bijvoorbeeld vraagtekens worden geplaatst bij verschillende aspecten van de hierboven gegeven definitie van het concept – of, preciezer gezegd, bij het daadwerkelijke gebruik (of misbruik) van de term. Het begrip impliceert weliswaar dat er sprake is van een vernieuwing, bijvoorbeeld, maar vanuit een historisch perspectief kunnen we zien dat het bij ‘onderwijsinnovaties’ heel vaak om een herontdekking van iets ‘ouds’ gaat. Ook is evident dat veel dingen die als ‘onderwijsinnovatie’ worden aangeprezen in de praktijk helemaal niet zo veel om het lijf hoeven te hebben en niet zo duurzaam blijken te zijn, en dat vernieuwingen niet altijd verbeteringen zijn (bijvoorbeeld leerpleinen in het onderwijs).

  • Hoe komt ‘onderwijsinnovatie’ aan bod in de master?

    Onderwijs en Innovatie heeft niet tot doel studenten de kneepjes van het innoveren bij te brengen en onderscheidt zich in dat opzicht van HBO-masters, die wel meer op de praktijk van het innoveren gericht zijn, of een WO-master richting educational design. Wat we in de master Onderwijs en Innovatie in de eerste plaats willen doen, is denkgereedschappen aanreiken (vanzelfsprekend naast kennis), en de dispositie om deze gereedschappen te gebruiken stimuleren. De manier waarop het thema ‘onderwijsinnovatie’ in het huidige masterprogramma aan bod komt, hebben we geïnventariseerd aan de hand van een model dat bestaat uit de volgende componenten: (1) Kritische academische positie (2) Conceptuele gereedschappen, (3) Comparatieve gereedschappen en (4) Evaluatiegereedschappen (zie Bijlage 1).

    De kritische academische dispositie wordt in dit geval beschouwd als de geneigdheid om over veronderstelde onderwijsinnovaties vragen te stellen als: wat wordt er precies voor deze innovatie geclaimd? Wie stelt de innovatie voor (met welk belang en met welk doel)? Waarom wordt er van ‘innovatie’ gesproken en is dat terecht? Welke visie op goed onderwijs ligt er ten grondslag aan de innovatie? En dezelfde kritische houding dienen de studenten natuurlijk ook ten opzichte van hun eigen ideeën te ontwikkelen. Deze dispositie proberen we in alle vakken te bevorderen, en dit wordt (op een algemeen niveau, nog los van innovaties) meteen in de Masterclass al ingezet, bijvoorbeeld door het gebruik van Perusall, Comproved en andere innovatieve onderwijsmethoden. 

    Bij de conceptuele gereedschappen gaat het om conceptuele analyse (van bijvoorbeeld het begrip ‘innovatie’) en conceptuele onderscheidingen als micro/meso/macro, theorie versus praktijk/implementatie, en allerlei nieuwe begrippen(kaders), gekoppeld aan visies op goed onderwijs die besproken worden (zoals kwalificatie, socialisatie, subjectificatie van Gert Biesta, of de cultuur-historische activiteits theorie. Deze komen in alle vakken aan bod. Verder kunnen onder dit kopje de verschillende theoretische en methodologische benaderingen genoemd worden waarmee studenten in de Masterclass kennismaken.

    Als comparatieve gereedschappen duiden we de inhoud aan die studenten in staat stelt historische, nationale of internationale vergelijkingen te maken tussen (veronderstelde) onderwijsinnovaties. Hierbij gaat het eigenlijk om kennis van onderwijsinnovaties uit het verleden of elders, gecombineerd met conceptuele en evaluatiegereedschappen. De historische bijdragen in IGO en Diversiteit en Goed Onderwijs (DGO) zijn een goed voorbeeld, nationale voorbeelden komen in alle vakken ter sprake (bijvoorbeeld Ontwikkelingsgericht Onderwijs, professionalisering van leerkrachten, professionele leergemeenschappen, digitalisering), en in sommige gevallen gaat het hierbij om internationale ontwikkelingen (bijvoorbeeld formatieve assessment).

    Evaluatiegereedschappen zijn de middelen die studenten in staat stellen innovaties te beoordelen. Deze functie wordt vervuld door de verschillende visies op goed onderwijs waar studenten in de master mee te maken krijgen, waaraan criteria voor goed onderwijs – en dus voor wat als een verbetering geldt – kunnen worden ontleend. We vinden het belangrijk dat studenten zien dat aan verschillende visies verschillende criteria kunnen worden ontleend, die soms haaks op elkaar staan. Studenten maken hiermee kennis in alle vakken. De Masterclass bereidt dit voor door verschillende theoretische en methodologische benaderingen de revue te laten passeren, in IGO wordt de vraag ‘Wat is goed onderwijs?’ aan de orde gesteld, en ook in DGO en Beleid en Praktijk van Onderwijsinnovatie (BPO) komen verschillende visies op onderwijskwaliteit en –verbetering aan bod – in DGO natuurlijk specifiek in relatie tot diversiteitsvraagstukken, in BPO gekoppeld aan het micro-, meso- en macroniveau, en in reflectie op de (impliciete) visies achter onderwijsbeleid. Innoveren is niet altijd wenselijk. De vraag naar goed onderwijs is daarom altijd het uitgangspunt (i.p.v. de vraag hoe we kunnen innoveren). 

    Naast het aanreiken en bevorderen van denkgereedschappen en een kritische dispositie, willen we studenten ook laten kennismaken met onderwijsinnovaties. Dit gebeurt in de Masterclass doordat daar gebruik wordt gemaakt van innovatieve onderwijsmethoden (Perusall, Comproved, de Schrijfmachine, enz.), in vakken als IGO en DGO doordat voorbeelden van recente of oudere onderwijsinnovaties besproken worden, en in BPO ook nog eens door studenten middels werkbezoeken te laten kennismaken met allerlei instanties die bij onderwijsinnovatie betrokken zijn (beleidsinstanties, adviesorganen, uitgeverijen, enz.).

    De master vertoont dus een zeer sterke samenhang, doordat 1) de Masterclass goed voorbereidt op wat er in de andere vakken gebeurt en hiervoor de toon zet; 2) de verschillende denkgereedschappen in alle vakken aan bod komen (natuurlijk met verschillende accenten op theorie, praktijk en beleid); 3) de insteek en intentie consequent dezelfde is: studenten in staat stellen tot geïnformeerde en kritische reflectie op onderwijsinnovatie en verbeterprocessen in het onderwijs. De Stage en M-These stellen studenten in staat dit in praktijk te brengen en te demonstreren in de vorm van een empirisch of theoretisch onderzoek.

  • Welke NVO registraties zijn er en hoe kan ik die behalen?

    Studenten van de track Onderwijs en Innovatie kunnen op basis van hun diploma bij de NVO de registratie ‘basispedagoog’ aanvragen. Meer informatie over deze registratie is te vinden op de website van de NVO.

  • Wat zijn de beroepsperspectieven van deze master?

    • Als afgestudeerd onderwijspedagoog kun je werken bij: 
      • Instanties die zich bezighouden met opvoeding en onderwijs (in hogere beleids-, advies- of onderzoeksfuncties)
      • Schoolbegeleidingsdiensten, als onderwijsadviseur
      • Landelijke onderzoeksinstituten, bijvoorbeeld onderzoeker aan een universiteit
      • Een instituut voor ontwikkeling van leerplannen en leermiddelen
      • Onderwijsinstellingen, als medewerker onderwijsbeleid, docent pedagogiek of onderwijskunde, directeur, intern begeleider of decaan
      • Een bedrijfsopleiding of adviesbureau, als opleidingsdeskundige
  • Hoe gemakkelijk kan ik een baan vinden na deze master?

    Het beroepsperspectief voor de Pedagoog is goed tot zeer goed

  • Wat zijn de toelatingseisen?

    De toelatingseisen voor de mastertrack Onderwijs en Innovatie vind je hier.

  • Hoe dien ik een toelatingsverzoek in?

    • Meld je aan in Studielink voor de master Pedagogische Wetenschappen. Een aanmelding verplicht je tot niets en kan nog tot 1 september kosteloos geannuleerd worden
    • Je ontvangt inlogcodes waarmee je je aanmelding kunt afronden op VUnet 
    • Selecteer op VUnet de track waarvoor je je wil inschrijven: Orthopedagogiek of Onderwijs en Innovatie en volg de stappen van het uploaden van de documenten. Je ziet alleen het laatst geüploade document, maar alle documenten komen goed bij ons binnen. Het is ook mogelijk om alle documenten als één pdf document aan te leveren. Onvolledige verzoeken worden niet in behandeling genomen
  • Wanneer zijn de deadlines voor aanmelding?

    • Deadline aanmelding in Studielink en in VUnet: 31 juli (VU-student) of 31 mei (student van een andere universiteit)
    • Bekijk de VU-website voor algemene informatie over aanmelden en inschrijven.
    • Deadline volledige inschrijving (incl. betaling collegegeld): 31 augustus
    • Tip! Zorg dat je inschrijving voor 1 juli is afgerond, dan ontvang je tijdig alle informatie over voorlichtingsactiviteiten en de start van je studie.
  • Waar vind ik informatie over de master na aanmelding?

    Er is een Canvas course waarop je alle relevante informatie en nieuwsberichten kunt vinden. Zorg ervoor dat je zo snel mogelijk toegang hebt tot deze course, anders loop je allerlei relevante informatie over de opleiding mis.

Veelgestelde vragen over studeren aan de VU

  • Waar kan ik terecht met vragen over mijn inschrijving, een deficiëntie of betaling collegegeld?

    • Met praktische vragen (inschrijven, betaling collegegeld, deficiënties, e.d.) kun je terecht bij
    • de Centrale Studentenbalie
    • Vandaag kun je ook je vragen stellen aan de studentenbalie: ze hebben een eigen tegel met chatmogelijkheid binnen dit platform
  • Welke studentenorganisaties zijn er?

    • Facultaire Studentenraad (FSR)
        • Medezeggenschapsorgaan bestaande uit zes studenten van verschillende opleidingen aan de Faculteit der Gedrags- en Bewegingswetenschappen. De FSR is er om de belangen van de student te behartigen. Dit houdt in dat studenten via de FSR inspraak en medezeggenschap hebben in beslissingen die binnen de faculteit genomen worden. Neem contact op met de FSR door een e-mail te sturen naar de FSR (fsr.fgb@vu.nl) of door een bericht achter te laten op de Facebookpagina
      • VSPVU
        • De Vereniging voor Studenten Psychologie en Pedagogiek aan de Vrije Universiteit te Amsterdam (VSPVU) is de studievereniging van Psychologie, Pedagogische Wetenschappen en Universitaire Pabo. De VSPVU biedt studieboeken (met ledenkorting) aan, verkoopt samenvattingen en heeft de mastergidsen samengesteld. Daarnaast organiseert de studievereniging heel veel activiteiten, van lezingen, excursies, uitjes, reizen, een jaarlijks congres, gala, feesten en zijn ze betrokken bij de VU Introductiedagen. Klik hier om nu lid te worden en hier voor een overzicht van alle aankomende activiteiten. Of neem een kijkje op de website www.vspvu.com
  • Waarom kies ik voor de VU?

    • Kleinschalig en persoonlijk
      • De master Pedagogische Wetenschappen – Orthopedagogiek is relatief kleinschalig (ca 100 studenten). De docenten kennen je en persoonlijk contact leggen is makkelijk. Ook word je betrokken bij onderzoek en draag je bij aan onderzoek dat plaatsvindt in de pedagogische en onderwijspraktijk.
    • Voorbereiden op de beroepspraktijk
      • Tijdens je studie doe je ervaringen op die je toekomstige beroepspraktijk verrijken. Zo biedt een stage je een intensieve kennismaking met de praktijk en door contact met medestudenten tijdens supervisie en werkgroepen leer je diverse mogelijke werkplekken kennen. Daardoor ontdek je wat je interessant vindt, waar je goed in bent en wie je verder kunnen helpen om deze talenten en interesses te ontwikkelen.
  • Met welke vragen kan ik terecht bij de studieadviseurs?

    • De studieadviseurs helpen je gedurende jouw studie met allerlei kwesties, zoals het maken van een studieplanning en hulp bij persoonlijke of studieproblemen
    • Zij kunnen je indien nodig ook doorverwijzen naar de studentendecaan of studentenpsycholoog
    • Contact: studieadvies.fgb@vu.nl
  • Waar kan ik terecht met vragen over studeren in combinatie met topsport?

    Sporten op topniveau of andere topprestaties leveren gaan niet altijd makkelijk samen met een druk studieprogramma. Daarom heeft de VU een ‘Topprestatieregeling’ voor studenten die op sportief of cultureel niveau een topprestatie leveren. Je kunt bijvoorbeeld in aanmerking komen voor een financiële tegemoetkoming bij studievertraging of gebruikmaken van faciliteiten die je helpen om studievertraging te beperken. Ga voor meer informatie langs bij de studieadviseur of kijk op VUnet.

  • Waar kan ik terecht met vragen over studeren met een (functie)beperking?

  • Wat als ik verder nog vragen heb?

    • Vragen kun je stellen aan de voorlichtingscoördinator van Pedagogische Wetenschappen voorlichtingPW.fgb@vu.nl
    • Voor administratieve vragen over het intekenen voor vakken kan een mail gestuurd worden naar studentsupport.fgb@vu.nl
    • De coördinator studiesucces is te bereiken via studiesucces.fgb@vu.nl . Vanaf het introductiecollege voorafgaand aan de opleiding, gedurende de opleiding en daarna (voor alumni) kun je bij haar terecht voor vragen over de opleiding en voorlichting

Direct naar

Homepage Cultuur op de campus Sportcentrum VU Dashboard

Studie

Academische jaarkalender Studiegids Rooster Canvas

Uitgelicht

Doneer aan het VUfonds VU Magazine Ad Valvas Digitale toegankelijkheid

Over de VU

Contact en route Werken bij de VU Faculteiten Diensten
Privacy Disclaimer Veiligheid Webcolofon Cookies Webarchief

Copyright © 2025 - Vrije Universiteit Amsterdam