Sorry! The information you are looking for is only available in Dutch.
Deze opleiding is bewaard in Mijn studiekeuze.
Deze opleiding kan niet bewaard worden.
Je bent nog niet ingelogd in Mijn studiekeuze. Log in of maak een account aan om jouw opleidingen op te slaan.
Er gaat iets mis, probeer het later nog een keer.

Activerend Blended Onderwijs - VU brede aanpak 2021-2024

Laatst gewijzigd op 9 juni 2022
Activerend blended onderwijs aan de VU houdt in dat het leerproces en de ontwikkeling van de student centraal staat. Activerend leren is daarbij één van de ontwerpprincipes van het onderwijs aan de VU. Een duurzame transitie naar activerend blended onderwijs is een speerpunt in de strategie van de VU. Zo'n VU brede transitie komt niet vanzelf tot stand. Hoe pakt de VU dit aan? Lees er alles over op deze pagina.

Leerproces van de student centraal

Activerend blended onderwijs is één van de ontwerpprincipes in de VU Onderwijsvisie. Activerend onderwijs gaat over alle onderwijsactiviteiten die ervoor zorgen dat de student zelf nadenkt, zelf redeneert, zelf een doel formuleert en zelf tot een oplossing komt.

Activerend onderwijs betrekt studenten door een diversiteit aan onderwijsactiviteiten bij het leerproces. Het gaat om een combinatie van actieve, betekenisvolle leertaken waarbij studenten uitgedaagd worden. Een optimale mix (blend) van fysiek en online onderwijs draagt bij aan activerend onderwijs. Zo kan bijvoorbeeld door de inzet van online kennisclips, in het fysieke onderwijs meer verdiepend op de leerstof ingegaan worden. Hierbij versterken de online en on-campus onderwijsvormen elkaar en sluit het onderwijs steeds meer aan bij persoonlijke leerwensen van studenten.

Transitie naar activerend blended onderwijs als logisch uitvloeisel van de coronacrisis

Activerend blended onderwijs is geen nieuw begrip. Door de coronacrisis zijn echter de technologische ontwikkelingen versneld en zijn de vaardigheden van docenten gegroeid en perspectieven op het onderwijs veranderd.

De VU heeft nagedacht over de vraag welke elementen voor het onderwijs van de toekomst behouden moet blijven voor de VU en welke niet. Daar zijn een tweetal belangrijke conclusies uit getrokken.

De VU is een Campus universiteit: verbinding centraal

De eerste conclusie is dat het noodzakelijk is om elkaar fysiek te ontmoeten voor academische groei en binding. De campus is een meerwaarde. De VU moet goed gebruikmaken van de mogelijkheden om elkaar te ontmoeten.  Dat betekent dat onderwijs primair plaatsvindt - en geroosterd wordt - op de VU campus. In kleine en grote onderwijszalen, in collegezalen, in  practicumzalen en in tentamenzalen.

Digitaal en online: daar waar het meerwaarde heeft

Dat wil niet zeggen dat er geen online componenten in het onderwijs kunnen zitten. Juist niet. In het moderne denken over onderwijs vindt op de campus tijdens onderwijsbijeenkomsten toepassing en verdieping plaats van de leerstof. Hiervoor moeten studenten individueel of in groepjes zich zo goed mogelijk voorbereiden of de stof verwerken.

Daarvoor zijn digitale en online tools uitermate geschikt: voor leren van stof via digitale bronnen zoals kennisclips en online boeken, voor het werken aan taken en producten, voor samenwerking, voor kennisdeling, voor het inleveren van opdrachten en voor het geven en ontvangen van feedback. In het onderwijs van de VU moeten digitale en online middelen volop benut worden voor dat doel.

Maar het is in meerdere gevallen ook goed om online onderwijsbijeenkomsten te organiseren waar dat nuttig is. Bijvoorbeeld om gastdocenten van buiten gemakkelijker een inbreng te laten hebben in het onderwijs of voor Q&A sessies (responsiecolleges).

Een VU brede aanpak

Om deze twee conclusies breed op de VU te laten landen heeft de VU gekozen voor een VU brede aanpak voor de periode 2021-2024.

Strategie-aanpak transitie naar activerend blended onderwijs

  • Universitaire en facultaire doelen

    Ten eerste hebben de faculteiten er zich aan gecommitteerd om doelen te formuleren op welke wijze en in welke mate zij activerend blended onderwijs een plek wil geven in de curricula en in de cursussen van hun opleidingsaanbod. Deze doelen worden jaarlijks gemonitord.

  • Middelen

    Ten tweede door substantiële middelen vanuit het Kwaliteitsplan en de Centrale beleidsmiddelen van de VU ter beschikking te stellen aan de faculteiten. Hiermee kunnen de faculteiten een impuls geven aan het inrichting van facultaire ondersteuningsteam om docenten te helpen om het onderwijs om te vormen.

  • Kennisdeling

    Ten derde door op centraal niveau kennis met elkaar te delen via interfacultaire ondersteunersnetwerken en interfacultaire innovatienetwerken. Dit vindt plaats via het VU Network for Teaching and Learning en LEARN!Academy.

  • Ondersteuning digitale functionaliteiten

    Ten vierde door de wensen vanuit de faculteiten ten aanzien van gewenste digitale functionaliteiten binnen de digitale leeromgeving te onderzoeken. Zo kunnen zijn mogelijk niet alleen op facultair niveau, maar ook op instellingsniveau worden gelicenseerd en beheerd volgens wettelijke standaarden voor inkoop, privacy en security.

  • Ontwikkeling gebouwde omgeving

    Ten vijfde door de gebouwde omgeving van de VU steeds beter in te richten voor flexibel gebruik van ruimtes om activerend blended onderwijs te ondersteunen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om het zorgen dat een docent tijdens het lesgeven snel kan wisselen tussen frontaal lesgeven en studenten in groepjes laten werken. Maar ook om colleges op te kunnen nemen of zelfs hybride uit te voeren. Ook het zorgen voor voldoende zelfstudieruimte op de VU voor studenten hoort daarbij.

  • Contact

    Het project duurzame transitie Activerend Blended Onderwijs (pABO) is onderdeel van de activiteiten van de VU Strategiegroep Toekomstbestendige onderwijsvormen onder leiding van Erna Klein Ikkink. Het pABO project wordt getrokken door Lisa Sipma.

    De Stuurgroep Docentprofessionalisering en innovatie stuurt op de hoofdlijnen van de ontwikkeling van de centrale onderdelen van het project. De secretaris van deze Stuurgroep is Silvester Draaijer.

    Het programma-management van het Kwaliteitsplan monitort de voortgang van het project ten aanzien van het behalen van de doelen. De programmamanager is Floor Elsenburg.

    De verschillende  verantwoordelijken houden onderling nauw contact.

Animatie Activerend Blended Onderwijs

In deze animatie wordt in vogelvlucht verteld wat activerend blended onderwijs voor de VU inhoudt.