Onderwijs Onderzoek Actueel Over de VU EN
Login als
Studiekiezer Student Medewerker
Bachelor Master VU for Professionals
HOVO Amsterdam VU-NT2 VU Amsterdam Summer School Honoursprogramma Universitaire lerarenopleiding
Promoveren aan de VU Uitgelicht onderzoek Prijzen en onderscheidingen
Onderzoeksinstituten Onze wetenschappers Research Impact Support Portal Impact maken
Nieuws Agenda Biodiversiteit aan de VU
Israël en Palestijnse gebieden Cultuur op de campus
Praktische informatie VU en innovatiedistrict Zuidas Missie en Kernwaarden
Besturing Samenwerking Alumni Universiteitsbibliotheek Werken bij de VU
Sorry! The information you are looking for is only available in Dutch.
Deze opleiding is opgeslagen in Mijn Studiekeuze.
Er is iets fout gegaan bij het uitvoeren van het verzoek.
Er is iets fout gegaan bij het uitvoeren van het verzoek.

Van feedback geven naar feedback laten werken

Terug naar het overzicht van alle didactische tips
Laatst gewijzigd op 27 januari 2026
In het hoger onderwijs verschuift de aandacht steeds meer van het geven van feedback naar het begrijpen en benutten ervan. Bij de VU gebruiken we hier ook de term Formatieve Dialoog voor. Bij de oude benadering ontvingen studenten veel informatie in korte tijd vanuit eenrichtingsverkeer, gericht op beoordeling. De nieuwe benadering is dat feedback een doorlopend, betekenisvol proces is. Hieronder lees je hoe je dat aanpakt.

Geïnspireerd door Winstone’s ‘Designing effective feedback processes in higher education’ verleggen we de focus van cognitivisme (we vertellen studenten wat beter kan) naar sociaal constructivisme (we creëren samen betekenis en handelingsperspectief). Dat betekent: meerdere feedbackmomenten, ingebed in het onderwijsontwerp, waarbij niet alleen de docent maar ook medestudenten een rol spelen. Feedback wordt zo geen bijproduct van toetsing, maar juist een cruciale motor voor leren. Hieronder vind je drie tips om deze nieuwe feedbackpraktijk vorm te geven.

Tip 1: vergroot de waarde van het feedbackproces
e waarde van het feedbackproces kun je vergroten door te beginnen met een gedeelde taal. Studenten en docenten moeten dezelfde begrippen gebruiken en dezelfde verwachtingen hebben. Helder geformuleerde leerdoelen zijn hierbij belangrijk: ze bieden richting, houvast en een gezamenlijk referentiekader. Zie ook de didactische tip over 'focusdoelen'.

Daarnaast is het belangrijk dat de verantwoordelijkheid voor het feedbackproces gedeeld wordt. Studenten zijn geen passieve ontvangers; laat ze actief vragen stellen, reflecteren en prioriteren. Zo kun je studenten bijvoorbeeld vragen ontvangen feedback met elkaar te delen en over te discussiëren met hulpvragen zoals: wat bedoelt de docent hier precies? Welke prioriteit moet ik geven aan de feedback? Hoe zou ik de gevraagde verbetering kunnen doorvoeren? Leg studenten uit wat je doet, waarom en wat ze zelf kunnen bijdragen.

Tot slot: feedback heeft alleen waarde als er actie op volgt. Maak daarom expliciet welke vervolgstappen studenten kunnen zetten en help ze om die planmatig te organiseren.

Tip 2: erken de emotionele impact van feedback
Feedback raakt niet alleen het werk, maar ook vaak de persoon die het werk gedaan heeft. Negatieve feedback kan hevige teleurstelling oproepen, reacties van onbegrip of zelfs wanhoop. Maar ook positieve feedback kan negatief worden gelabeld (bijvoorbeeld: "Dit is wel goed, maar hierdoor wordt het beter"). Dat vraagt om aandacht voor de emotionele dimensie. Het helpt studenten om te leren feedback te aanvaarden, ook wanneer deze schuurt met hun zelfbeeld als student of professional in wording.

Een goedlopend feedbackproces vereist daarom ook aandacht voor emotieregulatie. Creëer een klimaat waarin open communicatie normaal is, waarin defensieve reacties worden herkend en omgebogen en waarin studenten leren onderscheid te maken tussen een emotionele en een rationele reactie op feedback. Dit helpt ze om feedback niet te zien als kritiek op henzelf, maar als een waardevolle bouwsteen voor groei.

Het volgende voorbeeld laat zien hoe je emotieregulatie kan toepassen als docent:

Tijdens het Onderzoekspracticum geven studenten hun eerste grote presentatie. Als docent geef je de volgende feedback op de presentatievaardigheden van Lisa: "Inhoudelijk heb je alles goed onderbouwd. Maar we kunnen je beter volgen als je iets langzamer praat en je kunt meer verbinding met het publiek krijgen door meer oogcontact te maken." Lisa reageert defensief: "Ik was gewoon zenuwachtig, dat is toch normaal? En ik had wel degelijk oogcontact!" De docent zet de volgende stappen om haar emoties te reguleren:

  1. De emotie erkennen. De docent zegt: "Ik snap dat dit moeilijk is om te horen. Presenteren is ook spannend en het kost moed om dat te doen. Neem even een moment."
  2. De defensieve reactie ombuigen. In plaats van in discussie te gaan, vraagt de docent: "Wat ging er door je heen toen je deze feedback ontving?" Lisa: "Het voelt alsof al mijn voorbereiding voor niets was." De docent: "Dat begrijp ik. Maar klopt dat echt? Je inhoud was sterk – dat was niet voor niets."
  3. Onderscheid maken tussen emotie en ratio. De docent introduceert een simpele techniek: "Laten we even splitsen: wat is je gevoel bij deze feedback, en wat kun je er feitelijk mee?" Lisa reflecteert: "Mijn gevoel zegt: ik heb gefaald. Maar rationeel... ik kan oefenen met langzamer praten."
  4. Feedback als bouwsteen framen. De docent antwoordt op Lisa: "Precies. Dit is geen oordeel over jou als persoon. Het is feedback waardoor je werk alleen maar beter wordt. Wat kun je oefenen om de volgende keer langzamer te spreken en meer oogcontact te maken?"

Tip 3: stimuleer actie
Feedback heeft pas impact wanneer studenten er daadwerkelijk iets mee doen. Dat vraagt om motivatie, ruimte en flexibiliteit in het onderwijsontwerp. Zorg dat studenten de mogelijkheid krijgen om vaardigheden opnieuw te oefenen, producten te verbeteren en leerstrategieën aan te passen. Dit betekent soms dat er meer flexibiliteit nodig is in contactmomenten of deadlines om revisie mogelijk te maken.

Daarnaast hebben studenten ondersteuning nodig bij het begrijpen van de feedback: wat wordt er precies bedoeld? Waarom is dit belangrijk? En: hoe vertaal je dit naar concrete verbeteracties? Als docent kun je dit proces begeleiden door hardop denkend voor te doen en door vragen te stellen die richting geven. Lees hoe je dit doet in de didactische tip ’Constructieve feedback? Tien tips!

Bron:

  • Winstone, N. & Carless, D. (2020). Designing effective feedback processes in higher education. New York: Routledge

Meer weten?

De tips voor activerend blended onderwijs worden mogelijk gemaakt door het VU Centre for Teaching & Learning.

Meer didactische tips

Direct naar

Homepage Cultuur op de campus Sportcentrum VU Dashboard

Studie

Academische jaarkalender Studiegids Rooster Canvas

Uitgelicht

Doneer aan het VUfonds VU Magazine Ad Valvas Digitale toegankelijkheid

Over de VU

Contact en route Werken bij de VU Faculteiten Diensten
Privacy Disclaimer Veiligheid Webcolofon Cookie instellingen Webarchief

Copyright © 2026 - Vrije Universiteit Amsterdam