Sorry! The information you are looking for is only available in Dutch.
Deze opleiding is bewaard in Mijn studiekeuze.
Deze opleiding kan niet bewaard worden.
Je bent nog niet ingelogd in Mijn studiekeuze. Log in of maak een account aan om jouw opleidingen op te slaan.
Er gaat iets mis, probeer het later nog een keer.

Hoe ga je meeliftgedrag tegen bij groepsopdrachten?

Laatst gewijzigd op 3 november 2022
Wil je alle studenten stimuleren om een actieve bijdrage te leveren aan groepsopdrachten, en wil je meeliftgedrag voorkomen? Lees in deze onderwijstip hoe je een succesvol groepsproces bevordert!

Zo bevorder je een goede samenwerking bij groepsopdrachten

Samenwerkingsopdrachten zijn belangrijk in het onderwijs, want professionals en wetenschappers werken in hun beroepsuitoefening ook vaak samen in teams. Cursussen bevatten daarom leerdoelen voor de studenten rond samenwerking en groepsopdrachten. In de praktijk blijkt dit vaak uitdagend en ervaren studenten het als een last. Een veelgehoord probleem is de meelifter: een student die weinig doet en toch slaagt voor de cursus.

Tip 1: geef alleen groepsopdrachten als dat nuttig is

Zet groepswerk alleen in wanneer dit een meerwaarde heeft. Zet het dus niet in bij opdrachten die studenten net zo goed individueel kunnen maken. Dit geldt bijvoorbeeld vaak voor kleinere opdrachten zoals een wekelijkse casusopdracht. Studenten klagen bij dat soort opdrachten het vaakst dat het groepsproces te veel tijd kost en inhoudelijk weinig extra oplevert.

Tip 2: zorg voor een gefaseerde aanpak van de opdracht

Laat de groep voorafgaand aan het werkstuk eerst een gezamenlijke probleemstelling met werkplanning en taakverdeling maken. Voor een succesvolle samenwerking is het belangrijk dat verschillende taken goed vervuld worden, denk aan: plannen, actielijsten en verslagen maken, inhoudelijke taken vervullen en beslissingen nemen. Laat studenten bijvoorbeeld een groepscontract opstellen zodat ze zich bewust zijn van hun onderlinge verantwoordelijkheden en hier ook op aangesproken kunnen worden. Het plan van aanpak en het groepscontract moeten zo snel mogelijk worden besproken met de docent, zodat deze kan bijsturen. Herhaal dit proces bij het inleveren van een tussenrapport.

Tip 3: gebruik leerdoelen gericht op samenwerkingsvaardigheden

Als je als docent samenwerkingsopdrachten in je cursus opneemt, zorg er dan voor dat je ook leerdoelen over samenwerkingsvaardigheden in je vakbeschrijving opstelt. Dan weten de studenten dat je hen er ook op beoordeelt. 

Tip 4: stimuleer onderlinge afhankelijkheid van studenten

Bouw in samenwerkingsopdrachten altijd een vorm van onderlinge afhankelijkheid in. Bijvoorbeeld door tijdens de onderwijsbijeenkomst zelf de student aan te wijzen die de presentatie doet van een (deel)taak. Geef vooraf aan dat je dat gaat doen. Daarmee voorkom je dat meelifters zich onttrekken aan deze belangrijke taak. Als presentator moet je namelijk alle deelprocessen en ontwikkelde inhoud goed kennen. Zorg er ook voor dat de presentator niet het woord over kan geven aan de expert van de groep en waardeer de presentatie met een (deel)cijfer.

Tip 5: zet peerfeedback in

Laat studenten elkaar feedback geven op hun samenwerkingsvaardigheden, zeker bij projectonderwijs met een langere looptijd. Doe dit liever niet tijdens een bijeenkomst, want dat vereist een zeer grote mate van sociale veiligheid waarbij iedereen zich vrij uit kan spreken. 

Een laagdrempelig middel is om studenten gelijktijdig met het inleveren van het (deel)werkstuk een (klein) samenwerkings-/procesrapport bij te voegen waarin de studenten onderling aangeven wie waaraan welke bijdrage heeft geleverd. Grijp daarbij terug op het plan van aanpak of het groepscontract. Als daaruit naar voren komt dat de inspanningen onevenwichtig verdeeld waren, kun je als docent de groep bij elkaar roepen om te bespreken wat hiervan de consequenties moeten zijn.

Een wat zwaarder middel om het gesprek op gang te krijgen is studenten van een team elkaar onderling anoniem feedback te laten geven op hun samenwerkingsvaardigheden met de Group Member Evaluation-functionaliteit van FeedbackFruits. Laat dit voorafgaand aan een bespreking doen, neem dit als docent goed door en geef aanwijzingen voor effectieve feedback. Vraag de studenten om de resultaten van de feedback open te ontvangen en begeleid het groepsgesprek dat volgt zodat dat op een constructieve en sociaal veilige manier verloopt.

Het resultaat van een peer review kan worden meegewogen in het eindcijfer, of gebruikt worden voor de afronding.

Tip 6: zorg dat studenten rollen verdelen

Stimuleer studenten expliciet om in het begin van de groepsopdracht de taken serieus verdelen.

Tip 7: geef deelcijfers voor verschillende onderdelen van het product én proces

Geef niet één eindcijfer, maar ook deelcijfers voor de verschillende onderdelen van het eindproduct en het proces. Hierbij is het gebruik van een rubric heel handig. 

Digitale ondersteuning

Met de Group Member Evaluation functionaliteit van FeedbackFruits is het mogelijk dat studenten elkaar anonieme feedback kunnen geven. Stel zelf de criteria op waarmee studenten elkaar moeten beoordelen, of gebruik vooraf opgestelde feedbackcriteria.

Meer bronnen

Deze onderwijstip wordt aangeboden door VU NT&L en LEARN! Academy.