Elke generatie avant-gardekunstenaars zoekt antwoorden op de vraag wat kunst is – en vindt die vaak in de filosofie. Van De Stijl en Bauhaus tot surrealisme, abstract-expressionisme, landschapskunst en performancekunst: telkens resoneren filosofische ideeën in de kunst. Zo bouwt Piet Mondriaan zijn wereldbeschouwing op Plato, en ontwikkelt Barnett Newman zijn eigen idee over op het sublieme, in zowel tekst als beeld.
Welke overeenkomsten zijn er tussen de ontwikkeling van abstractie in de kunst en het proces van het denken zelf? Welke rol speelt het vermogen tot abstraheren bij het kijken en waarnemen van de wereld? Hoe kun je kijken? Gaat het om het Chinese figuurtje op een prent, of om de leegte achter hem? Ook de relatie tussen het abstracte kunstwerk – in welke vorm dan ook – en de toeschouwer dringt zich op. Is dit kunst? Wat kan of moet ik ermee? En wat wil de kunstenaar overbrengen?
Deze colleges nodigen uit tot aandachtig kijken en stellen vragen die het oog en het denken scherpen. Tekstfragmenten uit uiteenlopende bronnen – zoals dagboeken, brieven en krantenartikelen – schetsen de context en prikkelen het denken. Daarbij komen ideeën aan bod van denkers en schrijvers als Plato, Walter Benjamin, Georges Bataille, María Zambrano, Rosalind E. Krauss, Jean-François Lyotard en Patricia de Martelaere.
De beeldpresentaties volgen uiteenlopende motieven en invalshoeken binnen de abstracte kunst en dienen als illustratie van verschillende filosofische tendensen. De besproken kunstwerken komen uit diverse perioden en tradities. We beperken ons daarbij niet alleen tot de abstracte kunst van Turner en de westerse kunst vanaf de 20e eeuw, maar bewegen van oude Chinese en Zen-schilderkunst tot Aboriginal art, van Zero en landschapskunst tot hedendaagse installaties en performances.
De volgende thema’s komen in beeld:
- In de schaduw: over de werking van zwart en wit
- Van raam naar raster: van Caspar David Friedrich tot Mondriaan
- Kleur in abstractie: de kracht van rood en blauw
- Het ontdekken van de leegte: wat is ruimte?
Na afloop van de colleges beschikt de deelnemer over een verdiept inzicht in abstractie – in de kunst én in het denken. Duidelijk wordt hoe beelden en ideeën elkaar kunnen versterken, zelfs wanneer ze uit uiteenlopende tradities afkomstig zijn. Zo ervaart de deelnemer de kracht van het samenspel tussen woord en beeld.
Onderwijsvorm: 4 hoorcolleges met ruimte voor vragen na afloop.
Literatuur: Fysieke hand-outs.
Studiebelasting: ongeveer 1.5 uur per college.
Verwachte voorkennis: Er zijn geen specifieke eisen aan vooropleiding en voorkennis.
Meer over deze cursus
Inleiding
Data, kosten en inschrijven