Kritisch denken, analyseren, helder communiceren. Het zijn van die vaardigheden waar iedereen het belang van inziet, maar die in de praktijk lastig te grijpen blijven. Tot nu. “Docenten herkennen dit gevoel meteen,” zegt Maxim Tomoszek, docent constitutioneel recht en trainer binnen het Aurora-netwerk. “Je wilt dat je studenten deze vaardigheden ontwikkelen, maar hoe maak je het concreet in je cursus?”
Met Learning Outcomes in University for Impact on Society (LOUIS), onderdeel van het Aurora competence framework, ligt er een antwoord dat opvallend praktisch is.
“Dit ís academisch onderwijs”
We noemen het vaak ‘belangrijke vaardigheden’, of ‘soft skills’. Maar volgens Kees Kouwenaar, LOUIS-adviseur en cursuscoördinator binnen het Aurora-netwerk, dekt dat de lading niet volledig. “Het zijn geen extra’s. Dit is wat academisch onderwijs ís.” Het gaat om wat binnen LOUIS wordt aangeduid als transversale competenties: vaardigheden die niet gebonden zijn aan één discipline, maar overal terugkomen.”
Tomoszek: “Dat zijn vaardigheden die je in alles gebruikt wat je doet. Niet alleen binnen je vak, maar ook buiten de academische muren.” Toch blijven ze in het onderwijs vaak impliciet. Ze zitten ‘ergens’ in een opdracht of tentamen, maar zonder dat helder is wat studenten precies oefenen en op welk niveau.
“En veel docenten doen dit al goed,” zegt Kouwenaar. “Ze beginnen vanuit goede intenties. Alleen is het nog niet altijd systematisch.” Precies daar zit de winst volgens Kouwenaar. “Niet in het volledig herontwerpen van een vak, maar in het scherper krijgen van wat er al gebeurt. Waar in je cursus leren studenten kritisch analyseren? Wanneer oefenen ze met redeneren? En bouwt dat logisch op?” Tomoszek: “Als je dat expliciet maakt, kun je er ook gerichter op sturen.”
“Het geeft taal aan iets wat er al is”
LOUIS helpt om die stap te zetten. Het framework beschrijft zestien transversale competenties, uitgewerkt in concrete elementen en niveaus.
Dat maakt het mogelijk om je onderwijs preciezer te ontwerpen:
- Wat wil je dat je studenten doen en leren?
- Hoe complex moet dat zijn?
- En hoe bouw je dat precies op binnen je cursus of opleiding?
“Het geeft taal aan iets wat er al is,” zegt Kouwenaar. “En daarmee ook houvast om keuzes te maken. Niet alles hoeft anders. Maar wat je doet, wordt bewuster.” Tomoszek: “Een opdracht die net anders wordt geformuleerd. Een leerdoel dat explicieter wordt gemaakt. Of een moment waarop studenten reflecteren op hoe ze tot een antwoord komen.”
Kouwenaar vult aan: “En je hoeft het niet te groot te maken. Maar als je weet waar je op stuurt, verandert er wel iets. Dat zie je terug bij studenten: in hoe ze redeneren, hoe ze keuzes onderbouwen, hoe ze hun werk structureren.”