VU-universitair docenten Maartje Weerdesteijn en Marije Luitjens delen hun inzichten uit hun onderwijspraktijk. De reflecties komen voort uit een Scholarship of Teaching and Learning dat Weerdesteijn opzette met Willemijn Born (docent en promovendus Criminologie), en dat mede werd geïmplementeerd door Luitjens in de minor Peace and Conflict Studies.
Studenten willen een verschil maken in de wereld
In ons onderwijs komen hartverscheurende verhalen over genocide, misdrijven tegen de menselijkheid en oorlogsmisdrijven aan bod. Studenten worden geconfronteerd met persoonlijke verhalen van slachtoffers, daders en ontwrichte samenlevingen. Deze verhalen worden vaak gekenmerkt door een gebrek aan effectieve remedies om het leed te verzachten.
Een groot deel van de studenten wil een verschil maken in de wereld, maar sommigen raken gedesillusioneerd door de complexiteit van de problemen en oplossingen. Anderen zijn persoonlijk betrokken vanwege hun familiegeschiedenis of omdat ze uit een conflictgebied komen. Het is voor studenten logischerwijs niet altijd mogelijk om in te schatten wanneer, of de mate waarin, ze geraakt zullen worden door een onderwerp.
Aan de andere kant is het voor docenten niet altijd makkelijk om hiermee om te gaan, en als gevolg kan er ‘rolspanning’ ontstaan: ze voelen zich soms niet alleen docent, maar ook therapeut, terwijl ze hiervoor niet getraind zijn. Toch kunnen docenten veel doen binnen hun rol als docent om studenten te helpen hun emotionele reacties te begrijpen en te verwerken.
Wat kun je als docent doen? Rolmodel, trigger warnings & self-care
Docenten kunnen studenten helpen om er voor elkaar te zijn, bijvoorbeeld door emoties en de noodzaak van self-care bespreekbaar te maken. Na een heftige documentaire kan het helpen ze eerst naar hun emotionele reactie te vragen. Dit helpt niet alleen om het delen van deze gevoelens te normaliseren, maar zo kan er ook de mentale ruimte ontstaan om met een wetenschappelijke lens de documentaire te analyseren.
Ook wordt het door studenten gewaardeerd als docenten zelf als rolmodel optreden en open zijn over de onderwerpen die hen raken. Daarnaast is het van belang om studenten zingeving te bieden wanneer ze geconfronteerd worden met heftige verhalen. Bijvoorbeeld door ze expliciet uit te leggen waarom dit verhaal zo belangrijk is, wat we ervan kunnen leren en hoe het past in het vak en wetenschappelijk debat.
Trigger warnings (red. korte waarschuwingen vooraf, waarmee je studenten voorbereidt op mogelijk confronterende of emotioneel beladen lesinhoud) kunnen ook helpen. Omdat het de emoties normaliseert en erkent, en een gemeenschapsgevoel kan faciliteren, waardoor de studenten ook buiten de collegezaal er voor elkaar kunnen zijn.
Academische kringen en het ‘emotie-taboe’
Ook docenten en wetenschappers zijn niet immuun voor de emotionele gevolgen van het onderzoek dat ze doen en onderwijs dat ze geven. Afhankelijk van het onderwerp, de onderzoeksmethoden en de persoonlijkheid en achtergrond van de wetenschapper, kan dit hen in meer of mindere mate raken. Onder docenten en onderzoekers is het gevoel van samenhorigheid en self-care eveneens belangrijk, maar ook in wetenschappelijke kringen wordt nog maar langzaam het ‘emotie-taboe’ verbroken.
Dat merk je ook aan de doorgaans beperkte aandacht van instellingen voor dit thema. Hoewel sommige ethische commissies de emotionele gevolgen voor het wetenschappelijk personeel al meewegen, is bij veel ethische commissies vooral aandacht voor de gevolgen voor de onderzoeksparticipanten, niet voor de onderzoekers zelf. Daarnaast is het niet altijd duidelijk in welke mate universiteiten kunnen voorzien in psychologische steun, zeker niet als die specialistischer moet zijn om secundair of plaatsvervangend trauma te behandelen.
Emoties uit de taboesfeer halen
Het is belangrijk om te erkennen dat omgaan met negatieve emoties tijd kost. Naast het verwerken van emotionele gevolgen van onderwijs en onderzoek vergt het ook tijd om junior collega’s hier beter bij te begeleiden. En in een sector met een toch al relatief hoge werkdruk blijft dit een eeuwig pijnpunt. Toch kan tijd maken, en daarmee erger leed voorkomen, de gezondste en meest efficiënte keuze zijn.
Het is nog een open vraag hoe we onszelf en elkaar als docenten en onderzoekers hier beter bij kunnen helpen, maar één ding is duidelijk: het is nodig om emoties uit de taboesfeer te halen. Door ze ruimte te geven en te omarmen, wordt het mogelijk om de negatieve emoties beter te verwerken en kunnen studenten, docenten en onderzoekers zich weer storten op de daadwerkelijke inhoud van het werk.
Ook je onderwijs onderzoeken?
Meer over het Scholarship of Teaching and Learning (SoTL).
VU Centre for Teaching & Learning workshops & trainingen
Teaching in Times of Fracture biedt praktische handvatten voor moeilijke gesprekken, en Hot Moments-workshops kunnen op maat worden aangevraagd voor docenten die willen leren schakelen wanneer emoties oplopen. Interesse? Mail ctl@vu.nl.