Wat doet de VU nu, en waarom?
De VU zet in op minder verspilling en vervuiling. Onze afvalberg kan fors verkleinen, en daardoor kan de CO2-uitstoot en milieu-impact flink omlaag. In ons programma Zero Waste VU komen veel maatregelen samen waarmee we (rest-)afval verminderen en voorkomen.
Geen afval, is dat haalbaar?
‘Zero Waste’ als doel is misschien een te hoge ambitie, omdat er in elke productieketen afval ontstaat en sommige reststromen onvermijdelijk zijn. Toch is het streven ernaar waardevol: het geeft een richting die helpt om duurzamer en bewuster te leven.
Hoe pak je dat aan?
Met onze leveranciers en partners denken we na over een duurzame bedrijfsvoering. Samen willen we stapsgewijs onze CO2-uitstoot verkleinen, vooral door het verminderen van afval, het scheiden van afval en het hoogwaardig hergebruiken van grondstoffen.
Ons vertrekpunt is de R-ladder, die beschrijft een systeem waarin materialen zoveel mogelijk opnieuw worden gebruikt en afval wordt uitgebannen. Het bevat verschillende strategieën voor circulariteit waarbij geldt: hoe hoger op de ladder, hoe lager het grondstofverbruik. Dat is natuurlijk waar we naartoe willen!
Neem ons eens mee de R-ladder op?
Bovenaan staan de meest circulaire strategieën zoals Refuse (R0), Rethink (R1) en Reduce (R2), waarbij je minder producten inkoopt en alternatieven kiest die minder afval opleveren. Hiermee bespaar je het meest.
Een voorbeeld: sinds juli 2023 bieden we geen wegwerpbekers meer aan bij de koffieautomaten- en corners. Dit scheelt zo’n 1,5 miljoen bekers per jaar! Een ander voorbeeld: bij verhuizingen maken we gebruik van verhuiskratten en dekens in plaats van dozen en folie.
In het midden van de ladder staan Re-use (R3) en Repair/Refurbish (R4), gericht op het verlengen van de levensduur van producten en onderdelen. Je maakt zo lang mogelijk gebruik van iets en repareert producten als ze kapotgaan.
Dat doen we op de VU bijvoorbeeld met meubilair. Alle vergaderruimten in het Onderzoeksgebouw VU voorzien van refurbished stoelen uit het W&N gebouw. Als we iets nieuws kopen, kiezen we voor meubilair dat lang meegaat en waarvan onderdelen makkelijk te repareren of vervangen zijn, zoals armleuningen, wieltjes of bekleding van bureaustoelen.
Onderaan de ladder staan Recycle (R5) en Recover (R6). Dit betekent dat materialen worden ingezameld en verwerkt tot grondstoffen van hoge kwaliteit die opnieuw gebruikt kunnen worden. Materialen die niet zijn te recyclen, worden gebruikt als energiebron. Leuk voorbeeld: van de bomen die gekapt moesten worden voor de sloop van het W&N gebouw, zijn picknicktafels- en bankjes gemaakt voor op het campusplein.
Wat gaat er goed?
Afgelopen jaar hebben we grote stappen gezet op het gebied van gescheiden inzamelen van afval. De eerste resultaten zijn heel goed, ten opzichte van een jaar geleden is de hoeveelheid afval al afgenomen en het scheidingspercentage toegenomen tot zo’n 40%. Komend jaar willen we naar 60%.
Op de hele campus scheiden we inmiddels plastic verpakkingen en drankkartons (PD), (vertrouwelijk) papier en karton. Dit doen we in alle gebouwen. Ook op het campusplein staan nieuwe afvalbakken. In het Hoofdgebouw en het NU gebouw vind je statiegeldautomaten waar je blikjes en flesjes kunt inleveren. Je krijgt je geld terug of kunt doneren aan een goed doel. In een jaar tijd hebben we hiermee zo’n 40.000 verpakkingen ingezameld! Bij het restaurant HG zamelen we ook pizzadozen en etensresten gescheiden in.
Er zijn ook minder zichtbare maatregelen. Veel afvalstromen worden ingezameld in zogenaamde milieustraten in de kelders van veel VU-gebouwen. Hier staan afvalbakken- en containers voor glas, batterijen, lampen, kapotte apparaten, metaal en hout. Iedereen kan hier gebruik van maken. En ‘achter de schermen’ helpen onze cateraar, koffieleverancier en ondernemers zoals de Spar een handje mee, met de gescheiden inzameling van glas, etensresten en koffiedik.
Wat kan er nog beter?
Goed scheiden is een belangrijke voorwaarde voor recycling. Hoe ‘schoner’ het afval of hoe minder vervuiling erin zit, hoe beter het materiaal te hergebruiken is. We proberen medewerkers en studenten daarom goed te informeren wat (niet) in welke afvalbak hoort. VU-breed zamelen we nu zo’n 30 afvalstromen in. Dat willen we uitbreiden. Zo willen we tissues uit de sanitaire ruimten gescheiden inzamelen en recyclen. Uit pilots blijkt dat dit goed kan; er zijn plafondplaten van gemaakt. Jaarlijks kopen we zo’n 50.000 kg papieren handdoekjes in, dus dat biedt mogelijkheden!
Groente- fruit en etensresten (GFE) worden momenteel alleen in het Transitorium gescheiden ingezameld. Dit gaat goed, maar is een bewerkelijk proces. Om overlast te voorkomen moeten de bakken dagelijks worden geleegd. We onderzoeken de mogelijkheden om dit op grotere schaal te doen.
Wat we ook nog beter willen doen, is het delen van onze ambities én de behaalde resultaten met studenten, medewerkers en alle andere betrokkenen. Want wij kunnen afvalscheiding wel faciliteren, maar uiteindelijk gaat het om bewustwording en gedrag van de hele VU-gemeenschap. Afvalscheiding inrichten is één ding, maar voorkomen is altijd beter; geen afval is de meest duurzame optie. Daarom werken we samen met Sustainability Office en Green Office en doen mee met initiatieven als Green Fair en workshops met Green Ambassadors. Het is een behoorlijke transitie, voor de VU als organisatie en als gemeenschap, dus om onze doelen te behalen hebben we iedereen nodig.
Heb je nog een tip voor ons?
Doe mee en gooi je afval in de juiste afvalbak! Twijfel je? Gooi het dan in de bak voor restafval, om de andere afvalstromen niet te vervuilen.