Zelfstudiemodules
- Academisch Nederlands: De alinea
Deze zelfstudiemodule gaat over de alinea, en vooral over hoe je een goede academische alinea schrijft. Naast Tips & Trucs zijn er oefeningen met feedback. Daarmee kun je checken hoe je kunt voldoen aan de kwaliteitseisen van een academische alinea. - Academisch Nederlands: zinsbouw
Deze zelfstudiemodule gaat over zinnen die niet goed lopen. Die lastig leesbaar zijn of gewoon grammaticaal fout. Je vindt beknopte uitleg over wat er mis kan gaan in de zinsbouw, maar vooral is er informatie over hoe je zinnen bouwt die wél goed lopen. Of jou dat lukt, kun je controleren met behulp van oefeningen met feedback. - Academisch Nederlands: werkwoordstijden
In deze zelfstudiemodule kun je je problemen bij het gebruik van de werkwoordstijden aanpakken. Je vindt achtergrondinformatie over de effecten van de verschillende werkwoordstijden, en de oorzaken van een aantal veelvoorkomende fouten. Veel ruimte is er voor zelf oefenen, met feedback. - Academisch Engels: top ten language and grammar issues
Met behulp van deze canvaspagina kun je zelfstandig fouten aanpakken die vaak in Engelse academische teksten worden gemaakt. In korte video’s worden de tien meest voorkomende fouten uitgelegd. Als je die herkent uit je eigen teksten kun je ze met behulp van oefeningen leren voorkomen. De module is gratis te volgen. Je kunt je aanmelden door een mail te sturen naar alp.sgw@vu.nl.
Automatische feedback op tekst
- Academisch Nederlands: digirevisie
Met deze site krijg je automatische feedback van de computer over de samenhang van je tekst. Door te reageren op de vragen die de computer je stelt, kun je die dan zelfstandig verbeteren.
(Zelf)toetsen
- Basiskennis zinsbouw
Bij hun commentaar op de correctheid of de stijl van je tekst veronderstellen docenten basiskennis over de bouw van Nederlandse zinnen. Die heb je misschien niet altijd meer paraat. Hoe herken je de lijdende vorm bijvoorbeeld? Wat zijn onderschikkende voegwoorden en wat doen die met de plaats van het werkwoord in de zin? Fris je kennis op met een aantal korte quizjes, waarbij je bovendien op grond van eventueel foute antwoorden wordt doorverwezen naar specifieke webpagina’s met extra informatie.- Zinsdelen
Over het verschil tussen onderwerp, lijdend voorwerp en meewerkend voorwerp. - Voegwoorden
Over de verschillende soorten voegwoorden (en dus het onderscheid hoofdzin en bijzin) - Werkwoorden
Over het verschil tussen zelfstandige werkwoorden, hulpwerkwoorden en koppelwerkwoorden. - Hulpwerkwoorden
Over het herkennen van de verschillende soorten hulpwerkwoorden (‘van de lijdende vorm’, ‘van tijd’) en daarmee van de lijdende vorm of de voltooide tijd.
- Zinsdelen