Een toegankelijke universiteit begint met oog hebben voor elkaar. Niet iedereen studeert of werkt onder dezelfde omstandigheden. Een functiebeperking, chronische aandoening, neurodivergentie of mentale kwetsbaarheid kan invloed hebben op hoe iemand onderwijs volgt, werkt en deelneemt aan het universitaire leven.
Tijdens de Week van de Toegankelijkheid staat daarom de vraag centraal: wat hebben studenten nodig om volwaardig mee te kunnen doen?
Toegankelijkheid in de praktijk
De VU organiseert deze week verschillende activiteiten voor studenten en medewerkers. Zo kunnen docenten praktische handvatten krijgen voor het begeleiden van studenten met een functiebeperking en leren zij hoe zij hun onderwijs toegankelijker kunnen ontwerpen.
Ook is er aandacht voor welzijn en prikkelverwerking, met activiteiten rond onder meer mindfulness, yoga, meditatie en stimming. Bij de informatiedesk bij Spot B kunnen studenten en medewerkers dagelijks terecht met vragen over toegankelijkheid en ondersteuning.
De activiteiten laten zien dat toegankelijkheid niet alleen draait om voorzieningen of fysieke en digitale drempels. Ook kennis, begrip en de ruimte om aan te geven wat iemand nodig heeft, spelen een belangrijke rol.
Samen toegankelijker
De Week van de Toegankelijkheid is daarmee niet alleen een moment om informatie te delen, maar ook om het gesprek over inclusie binnen de VU te voeren. Want een toegankelijke universiteit ontstaat niet alleen vanuit beleid, maar ook in de dagelijkse praktijk: in de collegezaal, op de werkvloer en in het contact met elkaar.
De Week van de Toegankelijkheid vindt plaats van 5 tot en met 10 oktober. Bekijk het volledige programma en meld je aan voor de activiteiten via de website van de VU.