Deze ontwikkeling bouwt voort op de succesvolle landelijke erkenning van de Basis Kwalificatie Onderwijs (BKO), die sinds 2008 bijdraagt aan verdere docentprofessionalisering in het hoger onderwijs.
Landelijk kader versterkt kwaliteit en samenwerking
De Senior Kwalificatie Onderwijs (SKO) richt zich op ervaren docenten die een leidende rol vervullen in onderwijsverbetering en -vernieuwing op curriculum- en programmaniveau. Met de nu vastgestelde wederzijdse erkenning hoeven seniordocenten die de kwalificatie bij één universiteit behalen deze niet opnieuw te halen bij andere instellingen. Dit versterkt de mobiliteit van onderwijsprofessionals en de uitwisseling van expertise tussen universiteiten.
De universiteiten hebben gezamenlijk een kader en een verklaring opgesteld waarin staat waaraan een SKO moet voldoen. Hiervoor hebben zij alle SKO’s met elkaar vergeleken en op basis daarvan bepaald aan welke eisen een SKO moet voldoen. Binnen het kader kunnen universiteiten hun eigen invulling geven aan de SKO. Zo blijft er diversiteit en is de kwaliteit gewaarborgd. Universiteiten die een SKO in ontwikkeling hebben, kunnen zich aansluiten bij het kader, waardoor ook hun kwalificatie in de toekomst erkend wordt.
De wederzijdse erkenning past daarnaast goed binnen het programma Erkennen en Waarderen, waarin aandacht is voor loopbaanontwikkeling, professionele groei en het erkennen van diverse bijdragen van onderwijsprofessionals.
Betekenis voor de VU
De wederzijdse erkenning betekent dat VU-docenten die hun SKO behalen, deze kwalificatie voortaan automatisch erkend zien bij alle Nederlandse universiteiten. Dat versterkt hun loopbaanperspectief en benadrukt ook de kwaliteit van de docentprofessionalisering aan de VU.
Rector magnificus Jeroen Geurts:
“Ik zie deze landelijke erkenning als een krachtig signaal: onderwijs doet ertoe. En de mensen die het dragen al helemaal. Dat de SKO nu breed wordt erkend, bevestigt onze inzet om onderwijsprofessionals zichtbaar te waarderen voor hun expertise, leiderschap en toewijding. Dit is precies waar Erkennen en Waarderen voor staat. Het geeft energie om te zien dat we hierin samen optrekken en dat deze beweging steeds steviger verankerd raakt in onze academische cultuur.”
Karen van Oyen, programmamanager van het VU Centre for Teaching & Learning:
“Dit is fantastisch nieuws. Met deze wederzijdse erkenning maken universiteiten duidelijk dat ze waarde hechten aan permanente ontwikkeling van docentkwaliteit, onderwijskwaliteit, onderwijsinnovatie en kwaliteit van onderwijsregie.”
Lees de verklaring inzake wederzijdse erkenning en het bijbehorende kader. De verklaring en de kaders zullen na ongeveer twee jaar worden geëvalueerd en waar nodig worden aangevuld of aangepast.