Het toetsingskader ‘Risico’s rondom schending van mensenrechten en gewapende conflicten’ is inmiddels een jaar in gebruik. In het afgelopen jaar is in de praktijk ervaring opgedaan met het kader en zijn 18 bestaande en 18 nieuwe onderzoekssamenwerkingen getoetst op het risico op ongewenste bijdragen door de VU aan gewapende conflicten en ernstige mensenrechtenschendingen.
Het toetsingskader biedt kaders aan voor samenwerkingen die de VU aangaat, handvatten voor de afweging tussen academische verantwoordelijkheid en academische vrijheid en inzicht in de risico's en redenen voor samenwerking. De besluitvorming ligt bij de faculteiten en diensten. Indien zij daartoe aanleiding zien kan een centrale adviescommissie worden geconsulteerd.
Bestaande samenwerkingen
Sinds de inwerkingtreding van het kader in september 2025 zijn 18 samenwerkingen die al voor de invoering van het kader waren gestart, getoetst op mogelijke risico's. Daarbij ging het om 13 samenwerkingen met universiteiten, twee met private instellingen, twee met ngo's en één met een overheidsinstelling. Met partners uit Ethiopië (2), Filippijnen (2), Georgië (2), Israël (8), Kenia (2) en Uganda (2). Voor het merendeel van de samenwerkingen werden de risico’s als beperkt en aanvaardbaar beoordeeld.
Nieuwe samenwerkingen
Daarnaast hebben onderzoekers voor 18 nieuwe samenwerkingen die mogelijk risicovol waren, het aanspreekpunt in de faculteit of dienst geraadpleegd. De beoogde onderzoekssamenwerkingen waren met 13 universiteiten, twee ministeries, twee NGOs, een ziekenhuis en een stichting. Deze hadden betrekking op de volgende landen: China (4), Israël (8), Jemen (1), Kenia (1), Palestijnse gebieden (1), Saudi-Arabië (1), Somalië (1), en Syrië (1). In zeven gevallen is besloten niet met de samenwerking te starten. Daarbij ging het in zes gevallen om een onderzoekssamenwerking met een Israëlische partner en in één geval om een onderzoekssamenwerking met een partner uit Saudi-Arabië. Er zijn geen adviesvragen voorgelegd aan de Centrale Adviescommissie in deze periode.
In 11 projecten is besloten dat vanuit dit kader gestart kan worden met een samenwerking. In een aantal projecten of een voorstel voor samenwerking die zijn ingediend, zijn mitigerende voorwaarden gesteld aan de samenwerking. Dit zijn bijvoorbeeld afspraken over de toegang van gegevens of het beschermen van gevoelige gegevens van deelnemers aan bijeenkomsten of aan onderzoek. Om de privacy van betrokken onderzoekers en samenwerkingspartners te waarborgen en de vertrouwelijkheid van de beoordeling te respecteren, wordt er geen inhoudelijke toelichting gegeven op individuele onderzoekssamenwerkingen die naar aanleiding van de toetsing wel of niet zijn aangegaan.
Werkwijze
Om medewerkers te ondersteunen bij het toepassen van het kader, zijn binnen elke dienst en faculteit decentrale contactpersonen aangesteld. Zij zijn het eerste aanspreekpunt voor vragen en ondersteunen medewerkers bij het uitvoeren van een risicoanalyse wanneer dit nodig is voor een (beoogde) samenwerking. De directeur bedrijfsvoering of dienstdirecteur zijn verantwoordelijk voor het toepassen van het toetsingskader en ondertekenen het contract bij een positief besluit. Zij controleren of het dossier alle verplichte onderdelen bevat die nodig zijn om de samenwerking te beoordelen, inclusief checks op de kaders die betrekking hebben op kennisveiligheid en fossielvrij onderzoek. Om kennis en expertise te versterken en de toepassing van het kader te bevorderen, zijn er afgelopen jaar bijeenkomsten geweest voor decentrale contactpersonen gericht op kennisoverdracht, bespreken van dilemma’s en intervisie.
Aanpassingen
Het kader zal blijvend periodiek worden geëvalueerd om te beoordelen of nieuwe ontwikkelingen en opgedane ervaringen aanleiding geven tot aanpassingen. Na de ervaringen van de toepassing van het toetsingskader van afgelopen jaar, is geconcludeerd dat het kader in de praktijk een goede basis biedt om het risico op ongewenste bijdragen door de VU aan gewapende conflicten en ernstige mensenrechtenschendingen te beoordelen. De verantwoordelijkheid van de toepassing van het kader blijft bij de faculteiten en diensten. Een goede ondersteuning bij de toepassing ervan is een belangrijk aandachtspunt in de komende periode. Daarom wordt onder andere onderzocht hoe het proces voor medewerkers duidelijker, efficiënter en eenvoudiger kan.
Het toetsingskader ‘Risico’s rondom schending van mensenrechten en gewapende conflicten’
Wetenschapsbeoefening is onmogelijk zonder internationale samenwerking. Tegelijkertijd vragen geopolitieke spanningen om een bredere afweging dan alleen de vraag of een samenwerking binnen de geldende wet- en regelgeving is toegestaan. VU Amsterdam is van oudsher een diep door waarden gedreven universiteit. Dat betekent dat zij zich niet alleen beroept op vrijheid, maar deze vrijheid ook verbindt met verantwoordelijkheid. Wanneer een samenwerkingspartner aantoonbaar betrokken zijn bij grove mensenrechtenschendingen, past samenwerking niet bij de grondslagen van de VU. Om dat op een transparante en verantwoorde manier te kunnen doen, is een afwegingskader ontwikkeld, gebaseerd op internationaal erkende mensenrechtennormen en advies van een commissie van onafhankelijke experts. Jaarlijks maakt VU Amsterdam openbaar hoeveel samenwerkingen binnen dit kader zijn beoordeeld en in hoeveel gevallen samenwerking niet is aangegaan of is beëindigd.
Meer informatie over het toetsingskader vind je hier.