Het wordt plots echt
Tijdens de minor werkten studenten aan ideeën die ook in de praktijk gebruikt kunnen worden. “Denk aan een kaartspel over culturele sensitiviteit voor vrijwilligers die met jongeren werken, of een flyer voor crosscultureel leren over en van autisme,” zegt Noviar. “En dan merk je: voor studenten wordt het plots echt. Het is niet meer iets voor een cijfer, maar iets wat iemand straks echt gaat gebruiken.”
Dat betekent ook dat ze verder moeten kijken dan hun eigen idee. Ze stemmen af met opdrachtgevers, houden rekening met de organisatie en andere betrokkenen en lopen al snel tegen de vraag aan: werkt dit eigenlijk wel in de praktijk?
Volgens Janse zit precies daar de waarde. “Iedereen leert in zo’n proces. Studenten ontwikkelen vaardigheden, partners krijgen nieuwe inzichten en als docent leer je hoe je zulke samenwerkingen begeleidt. Inclusief de momenten waarop het schuurt natuurlijk.”
Onzekerheid hoort erbij
“Samenwerken met de praktijk is zeker niet altijd comfortabel. Onzekerheid bij studenten hoort erbij,” vertelt Noviar. “Ze weten niet altijd of ze op de goede weg zitten, of wat een opdrachtgever precies verwacht. Maar juist dat maakt het heel leerzaam.”
Ze leren schakelen, keuzes maken en omgaan met verschillende belangen. “En ze zien wat er gebeurt als hun idee de praktijk in gaat. Wat werkt, en wat niet.” In reflecties hoort Noviar het steeds terug: het contact met de ‘echte’ wereld maakt het verschil. “Dat zijn ervaringen die ze anders niet opdoen in de collegezaal alleen. Het helpt hen om te ontdekken waar ze straks willen werken en wat ze daar te brengen hebben.”
Meer weten?
Lees meer over de minor Global Health of ontdek hoe je Community Service Learning kunt toepassen in je eigen onderwijs.