Bosbranden in de noordelijke bossen van Canada en Alaska hebben veel complexere gevolgen voor het klimaat dan alleen extra uitstoot van broeikasgassen. Het onderzoek van aardwetenschapper Max van Gerrevink laat zien dat de klimaatimpact sterk verschilt per regio en tientallen jaren kan doorwerken. Terwijl branden in Alaska gemiddeld bijdragen aan opwarming, hebben bosbranden in veel delen van Canada momenteel juist een verkoelend effect. Door klimaatverandering neemt dat verkoelende effect echter af.
Verschillende effecten in Alaska en Canada
De uitgestrekte bossen van Canada en Alaska krijgen steeds vaker te maken met grote en hevige bosbranden. De branden veranderen het landschap, stoten broeikasgassen uit en beïnvloeden onder meer de begroeiing, sneeuwbedekking en permafrost. Daardoor kunnen de gevolgen van een brand nog tientallen jaren zichtbaar blijven.
Van Gerrevink brengt in zijn onderzoek deze verschillende effecten samen en laat zien dat er geen eenvoudig antwoord is op de vraag of noordelijke bosbranden het klimaat opwarmen of afkoelen.
In Alaska zorgen bosbranden gemiddeld voor een opwarmend effect. Een belangrijke oorzaak is de relatief grote uitstoot van koolstof uit vegetatie en uit koolstofrijke, bevroren bodems. Wanneer deze bodems door brand worden aangetast, kan bovendien permafrost ontdooien. Daarbij kan extra koolstof in de atmosfeer terechtkomen.
In veel delen van Canada is het beeld op dit moment anders. Daar kan een brand tijdelijk juist voor afkoeling zorgen. Na een brand blijft de bodem in het voorjaar vaak langer bedekt met sneeuw. Het heldere sneeuwdek weerkaatst veel meer zonlicht terug naar de ruimte dan een intact bos. Daardoor wordt minder warmte door het landschap opgenomen en ontstaat er een verkoelend effect.
Klimaatverandering verandert de balans
Dat verkoelende effect is echter niet blijvend. Door de opwarming van het klimaat worden winters warmer en neemt de sneeuwbedekking af. Sneeuw blijft bovendien minder lang liggen dan voorheen. Hierdoor wordt het verschil tussen een brandgebied en een intact bos steeds kleiner.
Uit het onderzoek blijkt dat de klimaatbalans in noordelijke gebieden geleidelijk verschuift. “Bosbranden die nu in sommige delen van Canada nog een verkoelend effect hebben, zullen in een warmer klimaat steeds minder verkoeling opleveren en daardoor vaker bijdragen aan extra opwarming,” aldus Van Gerrevink.
De resultaten maken duidelijk dat de gevolgen van bosbranden niet alleen tijdens en kort na een brand moeten worden bekeken. Ook processen die zich in de jaren daarna afspelen, zoals het herstel van vegetatie, veranderingen in sneeuwbedekking en het ontdooien van permafrost, bepalen de uiteindelijke klimaatimpact.
Belang voor natuurbeheer en klimaatbeleid
De resultaten uit Van Gerrevinks onderzoek zijn relevant voor gebieden waar bosbranden steeds vaker en heviger voorkomen. Voor natuurbeheerders en beleidsmakers kan het belangrijk zijn om niet alleen te kijken naar de omvang van een brand, maar ook naar waar de brand plaatsvindt en welke gevolgen daarna optreden.
Gebieden met veel koolstofrijke bodems en permafrost kunnen bijvoorbeeld bijzonder belangrijk zijn, omdat een brand daar mogelijk langdurige gevolgen heeft voor de koolstofbalans. Met satellietbeelden kan na een brand snel worden vastgesteld hoe ernstig het getroffen gebied is. Die informatie kan vervolgens worden gebruikt bij beslissingen over herstel, bosbeheer en klimaatadaptatie.
De actualiteit van het onderzoek wordt onderstreept door de uitzonderlijk grote hoeveelheid bosbranden in Canada in de afgelopen jaren. Vooral 2023 springt eruit, toen ging er een gebied van meer dan 15 miljoen hectare in vlammen op, ruim 3.5 keer Nederland.
Geen eenvoudig verhaal van ‘brand zorgt voor opwarming’
Het onderzoek laat vooral zien dat de klimaatimpact van noordelijke bosbranden regionaal en tijdelijk verschillend kan zijn. Een brand kan tegelijkertijd zorgen voor extra uitstoot van broeikasgassen én voor veranderingen in het landschap die tijdelijk juist verkoeling veroorzaken.
Door die processen gezamenlijk te bekijken, ontstaat een completer beeld van de rol van bosbranden in het klimaat. Naarmate het noordelijke klimaat verder opwarmt, wordt het bovendien steeds belangrijker om rekening te houden met de veranderende sneeuwbedekking en de kwetsbaarheid van koolstofrijke bodems.
De klimaatbalans van noordelijke bosbranden is daarmee geen simpel verhaal van alleen opwarming of afkoeling. Het is een samenspel van processen dat per regio verschilt en nog tientallen jaren na een brand kan doorwerken.