In de cursusevaluaties deelt u regelmatig warme woorden uit aan onze docenten. Die spelen wij altijd aan ze door. Maar daarnaast vinden we het leuk om deze complimenten ook via de nieuwsbrief te delen. Dat doen we in de nieuwe rubriek Compliment voor de docent. Want wie wordt er nu niet blij van positieve woorden, zeker in een tijd waarin negatieve berichten vaak de overhand hebben? Wij plaatsen de complimenten uit de cursusevaluaties anoniem.
Over Ron Hoffman, docent Engelse letterkunde (‘Chaucer: Canterbury Tales’)
“Ron Hoffmann is een buitengewoon goede docent. Hij is deskundig, zeer belezen en deelt dat enthousiast met de cursisten. (Je kunt dus blijven studeren!) Hij kan geweldig voordragen en dat was voor een beter begrip van Chaucer uiteraard ook hard nodig. Hij is attent en aardig en weet goed te differentiëren in toch een heterogene groep cursisten. Daardoor voelt het niet anoniem, zoals in de grote collegezalen. Hij heeft humor en hij komt al zijn afspraken nauwgezet na.”
Over Petra Bolhuis, docent filosofie (‘AI en de effecten van informatiesystemen op de mens’)
“De voorbereiding en invulling door Petra Bolhuis was erg goed. De verbreding en verdieping met filosofische achtergronden werkte heel verhelderend. De illustratie met voorbeelden uit de alledaagse werkelijkheid en het nieuws gaven extra inzicht. Tijdens deze 10 colleges kregen we als cursisten heel compacte inhoud en verdieping terwijl die ook prima te volgen was. De extra informatie via de website was een extra en diverse aanvulling. Complimenten daarvoor!”
Over Frans Henk Hoekstra, docent kunstgeschiedenis (‘Kunstgeschiedenis VIII – Op weg naar de 21e eeuw’)
“Ik heb met veel plezier de colleges van Frans Henk Hoekstra gevolgd. Er zijn een paar zaken die daarbij extra lof verdienen. Zijn inspirerende enthousiasme en zijn voorbereiding van de colleges. Dat blijkt wel uit een kennis van zaken die veel breder gaat dan het onderwerp van het specifieke college. Ook het beschikbaar stellen van de syllabus met qua niveau regelmatig uitdagende artikelen, draagt na het lezen en bespreken bij aan de diepgang van de colleges. Bijzonder is zijn gedeelde kennis van de crossverbanden van de verschillende perioden van de kunstgeschiedenis en zijn presentatie gedurende het college. Daarbij presenteert hij een groot deel van de stof op een natuurlijke manier ‘uit het hoofd’.”