‘Tale Kanaäns’, een bepaald type religieus taalgebruik, speelt een belangrijke rol in de groepsidentiteit van groepen reformatorische christenen. Maar het is geen statische set van woorden en uitdrukkingen, blijkt uit onderzoek door Martha Visscher-Houweling.
“In het verleden is gesteld dat het religieuze taalgebruik dat bekendstaat als 'tale Kanaäns' statisch en homogeen is. Maar binnen de sociolinguïstiek wordt taal gezien als dynamisch en gevarieerd. Vanuit die benadering heb ik in dit proefschrift ook naar 'tale Kanaäns' gekeken. Het blijkt nu dat de ‘eigen taal’ van reformatorische christenen eerder een ‘sociolect’ is, een taalvariant die gebruikt wordt door een specifieke sociale groep.”
Groepsidentiteit
“Mijn onderzoek bestrijkt een tijdspanne van vier eeuwen: van de 18e tot de 21e eeuw. Ik analyseerde verschillende verzamelingen gedigitaliseerde teksten, waarvan het merendeel afkomstig is uit het digitale archief Digibron. Bijvoorbeeld religieuze autobiografieën, meditaties uit kerkelijke periodieken en de rubriek 'commentaar' uit het Reformatorisch Dagblad.
“Tale Kanaäns blijkt inderdaad niet statisch en homogeen te zijn, maar wel een eeuwenoud fenomeen dat tot op de dag van vandaag actueel is. Reformatorische christenen maken gebruik van een eigen taal die in diverse opzichten te onderscheiden is van de algemeen gangbare taal. Als ‘sociolect’ speelt het een belangrijke rol in de groepsidentiteit.”
Meer informatie over het proefschrift