Grote rol van kleine hersenen zichtbaar met supersterke MRI
Met behulp van een van de krachtigste MRI-scanners ter wereld heeft neurowetenschapper Emma Brouwer de kleine hersenen, het cerebellum, gedetailleerd in kaart gebracht. Zij laat zien hoe dit hersengebied is opgebouwd en functioneert, bij zowel gezonde mensen als bij patiënten met multiple sclerose (MS). Die nieuwe inzichten dragen bij aan een beter begrip van hersenfuncties én hersenziekten.
Waarom de kleine hersenen zo belangrijk zijn
De kleine hersenen maken maar zo’n tien procent van het hersenvolume uit, maar spelen een cruciale rol in veel meer dan alleen beweging. Ze zijn betrokken bij motoriek, leren, aandacht en mogelijk ook emoties en cognitie. Toch zijn ze lang relatief onderbelicht gebleven in hersenonderzoek, vooral omdat hun structuur extreem fijn en complex is. “Juist die complexiteit maakt het cerebellum lastig te onderzoeken met standaard MRI-scanners,” legt Brouwer uit. “Veel details blijven dan buiten beeld.”
Kijken met een scherpere lens
Brouwer maakte gebruik van een 7 Tesla MRI-scanner (7T MRI), een scanner met een veel sterkere magneet dan de MRI’s die in ziekenhuizen meestal worden gebruikt. Die extra kracht maakt het mogelijk om beelden te maken met een uitzonderlijk hoge resolutie. Dankzij deze techniek konden subtiele structuren en functionele patronen in de kleine hersenen zichtbaar worden.
Functie en structuur in kaart gebracht
In totaal voerde Brouwer zeven afzonderlijke studies uit. Daarin onderzocht zij zowel de opbouw (structuur) als de werking (functie) van het cerebellum. Met behulp van functionele MRI (fMRI) werd zichtbaar welke delen van de kleine hersenen actief zijn tijdens specifieke taken.
Brouwer onderzocht zowel gezonde volwassenen als patiënten met multiple sclerose (MS). Bij MS raakt het zenuwstelsel beschadigd, wat ook gevolgen kan hebben voor de kleine hersenen. Door beide groepen te vergelijken, werd duidelijk hoe ziekteprocessen het cerebellum beïnvloeden.
Nieuwe methodes voor toekomstig hersenonderzoek
Naast nieuwe inzichten over het cerebellum zelf, laat Brouwer ook zien hoe 7T MRI optimaal kan worden ingezet om kleine hersenstructuren te bestuderen. Die methodologische kennis is waardevol voor andere onderzoekers wereldwijd. Deze technieken kunnen helpen om in de toekomst nog gerichter onderzoek te doen naar hersenziekten.”
Van fundamentele kennis naar betere zorg
Hoewel Brouwers onderzoek fundamenteel van aard is, zijn de implicaties breder. Omdat het cerebellum betrokken is bij veel neurologische aandoeningen, kan een beter begrip op de lange termijn bijdragen aan betere diagnostiek en behandeling. Zij onderstreept daarmee hoe geavanceerde technologie en fundamenteel onderzoek samen nieuwe deuren openen in de neurowetenschap.
Meer informatie over het proefschrift