Betere toegang en maatwerk cruciaal in strijd tegen depressie en angst
Het onderzoek van klinisch psycholoog Eline Eigenhuis laat zien dat de aanpak van depressie en angst effectiever kan - mits mensen eerder hulp krijgen en behandelingen beter aansluiten op hun behoeften. Haar studie werpt nieuw licht op waarom veel patiënten nog altijd tussen wal en schip vallen, en biedt concrete aanknopingspunten om daar verandering in te brengen.
Uit het onderzoek blijkt dat vooral jongeren vaak te laat hulp zoeken bij depressieve klachten. Schaamte, een gebrek aan kennis over mentale gezondheid en lange wachttijden vormen belangrijke drempels. Daardoor blijven klachten onnodig lang bestaan en wordt de kans op verergering groter.
Meer inspraak
Ook binnen de behandeling zelf valt winst te behalen. Patiënten stoppen geregeld voortijdig met therapie, maar wanneer zij meer inspraak krijgen - bijvoorbeeld via gezamenlijke besluitvorming over de vorm van behandeling - neemt zowel hun tevredenheid als hun therapietrouw toe. Dat vergroot de kans op herstel en verkleint het risico op uitval.
Een van de bevindingen is dat zelfs milde persoonlijkheidskenmerken, zoals moeite met emotieregulatie of instabiele relaties, het risico op het ontstaan én terugkeren van depressie verhogen. Volgens Eigenhuis pleit dit voor meer aandacht voor deze factoren in zowel preventie als behandeling.
Daarnaast onderzocht zij nieuwe behandelmethoden voor mensen bij wie bestaande therapieën onvoldoende werken. Daaruit blijkt dat interventies zoals geheugenspecificiteitstraining en groepsgerichte schematherapie haalbaar zijn en veelbelovende resultaten laten zien bij complexe of therapieresistente patiënten.
Vroeg aanpakken
Door eerder in te grijpen, stigma rond mentale gezondheid te verminderen en behandelingen beter af te stemmen op de patiënt, kan de geestelijke gezondheidszorg effectiever worden ingericht. Vooral voor jongeren biedt dit kansen om psychische problemen in een vroeg stadium aan te pakken en langdurige klachten te voorkomen.
Tegelijkertijd benadrukt Eigenhuis dat verdere studie nodig blijft, met name naar welke behandeling het beste werkt voor welke patiënt. Toch is de boodschap duidelijk: een meer toegankelijke en persoonsgerichte aanpak kan het verschil maken voor grote groepen mensen met angst- en depressieve stoornissen.
Meer informatie over het proefschrift