Onderwijs Onderzoek Actueel Over de VU EN
Login als
Studiekiezer Student Medewerker
Bachelor Master VU for Professionals
HOVO Amsterdam VU-NT2 VU Amsterdam Summer School Honoursprogramma Universitaire lerarenopleiding
Promoveren aan de VU Uitgelicht onderzoek Prijzen en onderscheidingen
Onderzoeksinstituten Onze wetenschappers Research Impact Support Portal Impact maken
Nieuws Agenda Biodiversiteit aan de VU
Israël en Palestijnse gebieden Cultuur op de campus
Praktische informatie VU en innovatiedistrict Zuidas Missie en Kernwaarden
Besturing Samenwerking Alumni Universiteitsbibliotheek Werken bij de VU
Sorry! The information you are looking for is only available in Dutch.
Deze opleiding is opgeslagen in Mijn Studiekeuze.
Er is iets fout gegaan bij het uitvoeren van het verzoek.
Er is iets fout gegaan bij het uitvoeren van het verzoek.

Madelief Kuijper voltooide de Bachelor Psychologie

Hoe heeft Madelief de opleiding ervaren? Wat zijn haar vervolgstappen geweest? Welke tips en adviezen heeft ze voor aankomende studenten?

Waarom heb je besloten om Psychologie te studeren?
Sinds mijn jeugd heb ik altijd veel interesse gehad in mensen en in het begrijpen van hoe ze in elkaar zitten. Al op jonge leeftijd wist ik dat ik “psycholoog” wilde worden, toen nog met het klassieke beeld van een Freudiaanse psycholoog die mensen helpt door te praten over hun jeugd en innerlijke wereld. Tegen de tijd dat ik daadwerkelijk aan de studie begon, was dat beeld veranderd, maar mijn motivatie bleef hetzelfde: ik wilde begrijpen hoe mensen in elkaar zitten. Met die kennis hoopte ik niet alleen anderen te kunnen helpen, maar ook zelf te leren mensen beter te begrijpen.

Waar werk je momenteel?
Ik werk momenteel als promovendus in gedragsgenetica bij de afdeling van Biologische Psychologie op de VU. Ik ben net begonnen met mijn tweede jaar en het hele PhD-traject zal 4 jaar duren. In mijn PhD doe ik onderzoek naar individuele verschillen in schoolse vaardigheden en leergedrag van basisschoolkinderen. Daarbij kijken we naar verschillende vormen van intergenerationele transmissie: genetische aanleg, omgevingsfactoren en hoe deze samen verwerkelijken in de ontwikkeling van een kind. Het is een interessant project waarbij we een relatief grote dataverzameling uitvoeren, maar ook veel ruimte is voor methodologische exploratie, zoals het onderzoek en toepassen van verschillende statistische modellen.

Heb je dit altijd al willen doen?
Ik heb altijd al interesse gehad in psychologisch onderzoek, al wist ik lange tijd niet precies wat onderzoek doen in de praktijk betekende. Op de middelbare school kwam ik voor het eerst in aanraking met gedragsgenetisch onderzoek en raakte ik meteen gefascineerd. Vooral de geavanceerde onderzoeksdesigns, die nodig zijn omdat je bij mensen geen klassieke experimenten kunt uitvoeren, spraken me erg aan. Dat was ook een belangrijke reden om voor de VU te kiezen, omdat ik wist dat daar een afdeling was die hierin gespecialiseerd is. Tijdens mijn master kreeg ik steeds beter inzicht in wat onderzoek doen echt inhoudt en groeide ook het besef dat ik daadwerkelijk een PhD-positie zou kunnen krijgen. Vanaf dat moment ben ik er steeds harder voor gaan werken om een PhD-positie te krijgen en uiteindelijk is dat gelukt. 

Wat inspireerde je om voor de opleiding Psychologie te kiezen?
Wat mij inspireerde om Psychologie te kiezen, was mijn interesse in menselijk gedrag. Ik wilde de mensen om mij heen beter begrijpen en leren hoe ik anderen kon helpen. Ik was vaak de persoon bij wie mensen terechtkwamen voor advies of een luisterend oor, en ik hoopte me daarin verder te ontwikkelen. Tijdens de opleiding merkte ik echter dat mijn interesse verschoof: ik ontdekte dat juist de statistische kant me aantrok en dat ik liever naar het grotere geheel keek dan me te richten op enkele individuen. Daardoor zag ik steeds minder een carrière als therapeut voor me en zocht ik juist meer de academische ontwikkeling op.

Hoe sloot de studie hierbij aan? Was het wat je verwacht / gehoopt had?
Aan de ene kant heb ik in de studie veel geleerd over hoe mensen werken. Vooral in de eerste twee jaar kreeg ik door alle verschillende vakken een brede kennismaking met de vele richtingen die je binnen de psychologie kunt inslaan. Aan de andere kant realiseerde ik me steeds meer hoe weinig we eigenlijk nog weten over mensen en hoe groot de onderlinge verschillen kunnen zijn. Ik kreeg dus niet direct de antwoorden waar ik naar op zoek was, maar wel de methodes om meer over mensen te weten te komen. Die lijn heb ik verder doorgezet in mijn master, waar ik leerde hoe je op verschillende manieren onderzoek kunt doen naar de rol van genen en omgeving in menselijk gedrag. 

Welke master heb je gekozen? Hoe verschilt dit van de bachelor?
De master die ik heb gekozen is Genes in Behaviour and Health aan de VU. In deze master was er een focus op ons klaar te stomen om zelfstandig onderzoek en data-analyses uit te voeren op het gebied van genetica en gedrag. Deze master richt zich sterk op het opleiden van studenten tot zelfstandig onderzoekers, met veel aandacht voor data-analyse op het gebied van gedrag en genetica. Daarnaast is er veel ruimte voor discussie, waarbij kritisch nadenken over onderzoeksmethoden, de implicaties van resultaten en de ethische aspecten van onderzoek centraal staat. Het grootste verschil met de bachelor vond ik dat je je in de master echt specialiseert in één onderzoeksgebied en daardoor veel meer de diepte in gaat. De opleiding is kleinschalig, met een groep zeer gemotiveerde studenten, wat ik soms miste in de grotere bachelor Psychologie. Ook de interactie met docenten was anders: waar ik tijdens de bachelor soms een drempel voelde om professoren aan te spreken, werd dit in de master juist actief aangemoedigd. Daardoor kreeg je heel persoonlijk onderwijs van experts op hun vakgebied. Hoewel ik het in de bachelor bijzonder vond om kennis te maken met zoveel verschillende gebieden van de psychologie, was ik in mijn master echt klaar om de diepte in te gaan en mijn eigen onderzoeksinteresses verder te ontwikkelen.

Tegelijkertijd ben ik begonnen aan een tweede master, Cognitive Neuropsychology, met het plan om beide masters in drie jaar af te ronden. In het eerste jaar ontdekte ik echter dat gedragsgenetica mij veel meer aantrok dan neuropsychologie. Dat kwam niet zozeer door de inzichten van de onderzoeksvelden zelf, maar vooral door de onderzoeksmethoden die worden toegepast. Toen ik steeds beter wist dat ik een PhD in gedragsgenetica wilde doen, besloot ik in mijn tweede masterjaar om te stoppen met Cognitive Neuropsychology. De behaalde EC’s heb ik laten meetellen als extra vakken bij mijn diploma Genes in Behaviour and Health. Hoewel het een moeilijke keuze was, omdat ik normaal gesproken graag alles wat ik begin ook afrond, ben ik er nu erg blij mee. Het had me veel energie gekost om de tweede master volledig af te maken, terwijl ik die energie nu juist kon investeren in mijn carrière, bijvoorbeeld door mijn werk als student-assistent binnen mijn onderzoeksgebied.

Hoe heb je de opleiding aan de VU ervaren? Wat vond je het meest uitdagend en wat het meest waardevol?
Ik heb de opleiding aan de VU heel positief ervaren. Vooraf had ik een tussenjaar genomen en daardoor was ik echt weer klaar om te gaan studeren. Maar het was ook een uitdagende periode, want aan het einde van mijn eerste jaar begon de lockdown en mijn hele tweede jaar bestond uit online onderwijs. Het sociale contact met andere studenten miste ik daardoor erg. Tegelijkertijd maakte het studeren op sommige punten juist makkelijker: alle lessen kon ik thuis via Zoom volgen en colleges werden opgenomen, waardoor ik ze voor tentamens volledig kon terugkijken. Dat gaf veel vrijheid, maar vroeg ook dat ik goed leerde plannen en zelfstandig werken.

Het meest waardevol vond ik de brede statistische scholing binnen de opleiding. Veel studenten ervaren dat als moeilijk, en ik vond het in het begin ook best uitdagend. Maar door veel te oefenen begon ik de denkwijze steeds beter toe te passen, en merkte ik dat ik zelfs de ingewikkeldste modellen kon leren begrijpen. Dat gaf me veel zelfvertrouwen en maakte dat ik me er juist verder in wilde verdiepen.

Waren er specifieke vakken of projecten die je bijzonder interessant vond?
In mijn tweede jaar volgde ik het vak Samenspel van Genen en Omgeving, wat me opnieuw herinnerde aan mijn interesse in de gedragsgenetica. Daardoor besloot ik in het derde jaar de Genes, Cognition and Behaviour track te volgen. Dat was uitdagend, maar ook ontzettend waardevol: ik maakte er kennis met veel vaardigheden die ik nu nog steeds gebruik. Bovendien had ik in deze track echt het gevoel dat we serieus werden genomen en de ruimte kregen om de diepte in te gaan, zowel op theoretisch als methodologisch vlak.

Hoe heeft de studie je voorbereid op je loopbaan?
De studie heeft me laten kennismaken met de brede diversiteit die psychologie te bieden heeft en me geholpen te ontdekken waar mijn eigen interesses lagen. Daarnaast heb ik veel vaardigheden ontwikkeld die ik nu nog steeds dagelijks gebruik. Dan denk ik aan statistische kennis, die de basis vormt voor de data-analyses in mijn PhD, maar ook academisch schrijven, wat essentieel is voor het schrijven van artikelen en onderzoeksrapporten. De gespreksvaardigheden en klinische inzichten die ik heb opgedaan helpen me bovendien om beter samen te werken met collega’s en om onderzoek vanuit meerdere perspectieven te benaderen. Zo heeft de studie mij niet alleen inhoudelijk voorbereid, maar ook de praktische en analytische tools gegeven die ik nodig heb in mijn huidige loopbaan als onderzoeker.

Welke vaardigheden of kennis uit de opleiding gebruik je het meest in je werk? Heb je hier een concreet voorbeeld van?
De vaardigheid die ik het meest gebruik, zijn de statistische technieken die ik tijdens mijn studie heb geleerd. In mijn track maakte ik ook voor het eerst kennis met het programma R. Dat vond ik in het begin verschrikkelijk, omdat ik van nature helemaal niet handig ben met computers. Het was zelfs het vak dat ik het minst leuk en het moeilijkst vond, maar achteraf heb ik daar wel de basis gelegd. Nu gebruik ik R dagelijks en zelfs met plezier.

Daarnaast heeft de feedback op mijn academisch schrijven me enorm geholpen. Die ervaring gebruik ik nog steeds bij het schrijven van onderzoeksartikelen. Ik heb tijdens de studie ook geleerd om wetenschappelijke papers efficiënt te lezen, wat me nu veel tijd bespaart in mijn PhD. En de gespreksvaardigheden die ik toen heb opgedaan helpen me nog steeds om duidelijk én empathisch te communiceren, bijvoorbeeld wanneer ik contact heb met participanten. 

Hoe draagt de kennis en ervaring van de studie bij aan de praktijk en je huidige werkzaamheden?
De kennis en ervaring uit mijn studie sluiten heel goed aan bij mijn huidige werkzaamheden. Vooral de statistische basis en het leren werken met R vormen een groot deel van mijn dagelijkse werk als promovendus. Ook de training in academisch schrijven helpt me nu bij het opstellen van onderzoeksartikelen en rapportages. Daarnaast heb ik tijdens mijn studie geleerd om wetenschappelijke literatuur efficiënt te lezen, wat in mijn huidige werk onmisbaar is om snel nieuwe inzichten op te nemen. Tot slot komen de gespreksvaardigheden die ik heb opgedaan goed van pas in het contact met participanten en in de samenwerking met collega’s. Zo merk ik dat de combinatie van kennis en praktische vaardigheden die ik tijdens mijn studie heb ontwikkeld, echt de basis vormt voor mijn werk als onderzoeker.

Wat zijn enkele verrassingen of inzichten die je tijdens je carrière tot nu toe hebt opgedaan?

Drie inzichten die ik tot nu toe heb opgedaan:

  1. De (onderzoeks)wereld is kleiner dan je denkt: iedereen kent iedereen. Dat kan deuren openen als je de juiste mensen kent, maar het vraagt ook dat je je bewust bent van de indruk die je achterlaat.
  2.  Onderzoek draait minder om “de juiste antwoorden vinden” en meer om goede methodes en kritisch nadenken. Daarbij heb ik verrassend veel plezier ontdekt in statistiek en programmeren, iets wat ik eerst helemaal niet verwacht had.
  3. Werkplezier en ritme zijn cruciaal. Er zullen altijd minder leuke kanten zijn, maar als je langere tijd niet lekker in je werk zit, moet je durven herevalueren wat je kunt veranderen.

Kun je een voorbeeld geven van waar je momenteel mee bezig bent in je functie?
Op dit moment ben ik vooral bezig met de voorbereiding van de dataverzameling. Dat houdt in dat we veel informatie verzamelen om de juiste keuzes te maken, omdat elke beslissing invloed heeft op de kwaliteit van de data en dus op de manier waarop we onze onderzoeksvragen kunnen beantwoorden. Concreet betekent dit dat ik veel wetenschappelijke papers lees, regelmatig overleg met het onderzoeksteam en input ophaal bij experts. Daarnaast onderzoeken we welke meetinstrumenten we het beste kunnen gebruiken. We hebben deze al uitgetest bij psychologiestudenten en binnenkort willen we ze ook testen bij basisschoolleerlingen. Het meewerken aan dit project is daardoor erg dynamisch: enerzijds draait het om psychometrische of statistische keuzes, anderzijds gaat het juist om heel praktische zaken. 

Wat vind je het leukste aan jouw huidige baan? Wat geeft je het meeste energie?
Wat ik het meest interessant vind, is het werken met complexe statistische modellen en nadenken over de mogelijkheid van het toepassen op verschillende databronnen. Dat daagt me uit, maar het geeft me niet per se de meeste energie. Dat haal ik vooral uit de voorbereiding en uitvoering van de dataverzameling, omdat dat heel dynamisch werk is. Ook vind ik het belangrijk en leuk om na te denken over het contact met participanten, zowel binnen onze dataverzameling als in de context van wetenschapscommunicatie.

Daarnaast geeft het me veel energie dat ik in mijn werk continu nieuwe dingen kan leren. Het idee dat mijn werk, hoe klein ook, een verschil kan maken, maakt het voor mij extra betekenisvol. Alles bij elkaar is dit voor mij een mooie mix van inhoud die ik interessant vind, energie halen uit leren en samenwerken, en het gevoel iets bij te dragen.

Kon je makkelijk een baan vinden? Wist je tijdens de studie al welk beroep je wilde uitoefenen?
Ik ben relatief vroeg begonnen met het zoeken naar een baan na mijn master. Aan het begin van het tweede semester had ik me ingeschreven voor vacaturemeldingen, bijvoorbeeld via Academic Transfer. Samen met medestudenten sprak ik ook regelmatig met onze docenten over de mogelijkheden na de master en wat die precies inhielden. Zij hebben ons daarbij veel geholpen, onder meer met lessen over professionele ontwikkeling, het uitnodigen van gastsprekers en ondersteuning bij het vinden van stageplekken.

Timing speelt vaak een grote rol, en dat was bij mij ook zo. Ik werkte al sinds het begin van mijn master als student-assistent bij de afdeling Biologische Psychologie, en precies aan het einde van mijn master kwamen daar drie PhD-posities vrij. Ik solliciteerde op twee van die projecten en kreeg uiteindelijk mijn favoriet. Daarbij had ik het voordeel dat ik het project en de begeleiders al goed kende. Ook al kostte het solliciteren veel werk, ik had veel geluk dat ik na twee keer solliciteren al een plek had. Tijdens mijn master wist ik bovendien al zeker dat ik een PhD wilde doen, en dankzij de begeleiding van de docenten had ik ook een duidelijk beeld van wat ik zocht in een goed project.

Wat zijn je ambities voor de komende jaren? Zijn er bepaalde specialisaties of projecten waar je aan wilt werken?
Mijn belangrijkste doel voor de komende jaren is natuurlijk om binnen vier jaar mijn thesis te schrijven en mijn doctoraat te behalen. Daarbij staat ook het goed laten verlopen van de dataverzameling centraal, zodat ik met die data betekenisvolle artikelen kan publiceren. Ik hoop daarbij de kans te krijgen om bijzondere modellen beter te leren begrijpen en toe te passen.

Wat er daarna komt, weet ik nog niet precies. Ik vind onderzoek doen leuk en waardevol, maar ik ben me ook bewust van de baanonzekerheid in de academische wereld, zeker in het huidige politieke klimaat. Omdat ik niet van plan ben naar het buitenland te verhuizen, hou ik ook andere opties open. Ik vind het erg belangrijk dat onderzoeksresultaten uiteindelijk goed toegepast worden, en misschien zie ik daar ook een toekomst voor mezelf. Voor nu staan de komende jaren in het teken van mijn PhD, en werk ik ondertussen aan een breed netwerk en veelzijdige vaardigheden, zodat ik straks verschillende kanten op kan.

Welke bijdrage hoop jij te leveren aan de maatschappij vanuit jouw expertise?
Ik doe onderzoek naar onderwijs en de verschillende factoren die daar een rol in spelen, en dat is natuurlijk een thema dat iedereen raakt. Het is belangrijk om beter te begrijpen waarom leren voor sommige kinderen makkelijker en leuker is dan voor anderen. We willen dan ook de beste ondersteuning kunnen bieden voor kinderen die dat moeilijker vinden, en ik vind het heel waardevol om te onderzoeken welke factoren daarbij een rol spelen.

Daarnaast vind ik het heel belangrijk dat wetenschappelijke resultaten goed worden vertaald naar een breder publiek, zeker bij onderzoek in de gedragsgenetica. Mensen denken vaak dat als genen een rol spelen bij een eigenschap, dit meteen iets vaststaands en deterministisch betekent. In werkelijkheid is de rol van genen vaak complexer: genetische invloeden zijn meestal niet volledig causaal bewezen en werken samen met omgevingsfactoren. Ik hoop daarom met mijn werk bij te dragen aan een betere interpretatie en communicatie van onderzoeksresultaten, zodat ze op een verantwoorde manier kunnen worden toegepast in de praktijk.

Heb je tips voor huidige studenten die overwegen in hetzelfde vakgebied te werken?
Mijn belangrijkste tip is om te proberen een student-assistent positie te krijgen. Het is niet alleen een leuk bijbaantje, maar je leert er ook hoe de academische wereld werkt en je breidt meteen je netwerk uit met contacten die later heel waardevol kunnen zijn.

Daarnaast is het als PhD-student cruciaal dat de samenwerking met je begeleiders goed is. Je bent namelijk sterk afhankelijk van je supervisory team. Zorg daarom dat je van tevoren goed nagaat of er een goede match is. Je werkomgeving speelt een grote rol in je ontwikkeling, dus zoek een plek waar je je prettig voelt en waar je vertrouwen krijgt én vertrouwen kunt opbouwen met je supervisors.

Heb je advies voor alumni die net hun diploma hebben behaald en hun carrière willen starten?
Mijn advies is: je moet ergens beginnen. Het is helemaal niet erg als je eerste baan niet meteen perfect aansluit bij je interesses, salariswensen of doorgroeimogelijkheden. Geef jezelf de tijd om verschillende dingen uit te proberen en ontdek gaandeweg wat bij je past. Waar het goed voelt, is het belangrijk om je best te doen en iets op te bouwen. Er is geen haast, maar wees wel kritisch: kies niet alleen voor wat makkelijk is, maar ook voor wat je helpt in je professionele ontwikkeling.

Lees meer over de Bachelor Psychologie

Direct naar

Homepage Cultuur op de campus Sportcentrum VU Dashboard

Studie

Academische jaarkalender Studiegids Rooster Canvas

Uitgelicht

Doneer aan het VUfonds VU Magazine Ad Valvas Digitale toegankelijkheid

Over de VU

Contact en route Werken bij de VU Faculteiten Diensten
Privacy Disclaimer Veiligheid Webcolofon Cookie instellingen Webarchief

Copyright © 2026 - Vrije Universiteit Amsterdam