"Tijdens mijn bachelor Medische Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken merkte ik dat de inhoud mij enorm aansprak, maar dat het werk in de praktijk minder goed bij mij paste dan ik had verwacht. Ik miste iets, al wist ik niet meteen wat. Omdat mijn interesse in gezondheid bleef, besloot ik door te gaan met de master Gezondheidswetenschappen."
Meerdere perspectieven
"Omdat ik van het hbo kwam, begon ik eerst aan de premaster. Dit was een belangrijk jaar waar veel basisonderwerpen aan bod kwamen. Ik dacht altijd dat ik vooral een praktischer type was, maar tijdens de premaster kwam ik erachter dat ik juist energie haal uit complexe, theoretische vraagstukken waar meerdere perspectieven samenkomen. Tot mijn verrassing vond ik ook onderzoek en data-analyse veel leuker dan ik had verwacht. De onderdelen waar ik in het begin tegen opzag, bleken uiteindelijk mijn favoriete vakken. Daardoor durfde ik zelfs als student-assistent aan de slag te gaan: spannend, maar ontzettend leuk en leerzaam."
"Mijn stage en scriptie tijdens de master waren een superleerzame periode. Ik deed onderzoek naar het effect van de COVID-periode op de mentale gezondheid van ouders met jonge kinderen. Hiervoor mocht ik gebruikmaken van de data van het Sarphati Cohort in Amsterdam. Het was heel leuk om echt met een eigen, relevant onderzoek bezig te zijn en daarbij tegen typische en complexe vraagstukken aan te lopen. Daarnaast was het ontzettend waardevol om van dichtbij mee te maken hoe de dataverzameling van zo’n groot cohort in zijn werk gaat. Dit bood me een concreet beeld van de methodiek en logistiek achter grootschalig gezondheidsonderzoek. Ik was achteraf ook trots op het onderzoek dat ik zelf had opgeleverd."
Rijkstraineeship
"Tijdens de master kwam ik erachter dat ik veel verschillende dingen leuk vind. Daarom ben ik op zoek gegaan naar een functie waarin ik breed kon ontdekken wat bij mij past. Zo kwam ik uit bij het Rijkstraineeship: een tweejarig programma waarin je elke zes maanden aan een andere opdracht werkt. Mijn eerste opdracht ging over gezondere voeding in supermarkten, daarna werkte ik bij het Centrum voor Bevolkingsonderzoek (RIVM). Momenteel doe ik een opdracht bij een gemeente, waar ik werk aan de ontwikkeling van indicatievrije dagopvang voor ouderen. Het traineeship geeft me de kans om verschillende rollen uit te proberen en uiteindelijk uit te stromen naar een plek die echt bij mij past."
"Wat ik leuk vind aan mijn werk is de combinatie van inhoudelijke analyse, samenwerking met professionals, en het schakelen tussen wetenschappelijke inzichten, politieke afwegingen en praktische uitvoerbaarheid. Dit maakt ook dat je je vaak bezighoudt met complexere vraagstukken binnen de volksgezondheid. Dit is heel dynamisch, maar juist dat vind ik leuk. Zo kan ik toch al mijn interesses kwijt in het werk en een maatschappelijke bijdrage leveren."
Durf iets nieuws te proberen
"Mijn advies voor studiekiezers? De master leidt niet op tot één specifiek beroep, maar zie dat vooral als een kans. Je hoeft echt nog niet precies te weten wat je daarna wilt gaan doen. De opleiding helpt je juist om dat al doende te ontdekken. Ook belangrijk: kies stages of opdrachten die je uitdagen en durf iets te proberen dat nieuw of spannend voelt. Vaak ontdek je dan interesses waarvan je vooraf niet wist dat je ze had. Gun jezelf ook de tijd om te ontdekken wat je leuk vindt. Vaak is er meer mogelijk dan je van tevoren had bedacht. En niet onbelangrijk: geniet ook nog even van het student zijn!"