Meer dan vijftien jaar nadat Zuid-Afrika wetgeving invoerde die iedere gemeente verplichtte een Municipal Disaster Management Centre (MDMC) op te richten, heeft bijna de helft van de 257 gemeenten nog steeds geen functionerend centrum.
Organisatiewetenschapper en rampendeskundige Mokhele onderzocht waarom decentralisatie van rampenmanagement in sommige gemeenten wel slaagt en in andere niet. 'Ik ontdekte dat veel MDMC’s zijn opgezet als eenheden, niet als volwaardige centra”, zegt hij. “Ze kampen met een gebrek aan financiering, goed opgeleid personeel, lokaal toegespitste rampenplannen, overstromingsrisicokaarten en basisinfrastructuur voor waarschuwingen, ondanks de toenemende klimaatgerelateerde rampen zoals overstromingen, droogte en stormen.'
Overstromingen in KwaZulu-Natal maakten grote tekortkomingen zichtbaar
'Toen de overstromingen van 2022 KwaZulu-Natal troffen, beschikte meer dan 60 procent van de getroffen gemeenten niet over overstromingskaarten en had slechts één op de vier een werkend waarschuwingssysteem,' legt de onderzoeker uit. 'Goede wetten op papier betekenen niets als lokale overheden niet de middelen, bevoegdheden en politieke steun krijgen om ze daadwerkelijk uit te voeren.'
Volgens Mokhele zijn de tekortkomingen in rampenbestuur terug te voeren op politieke inmenging, machtsongelijkheid tussen nationale en lokale overheden en het feit dat rampenmanagement vaak pas prioriteit krijgt wanneer een ramp zich al heeft voltrokken. 'Decentralisatie werkt alleen als je niet alleen verantwoordelijkheden deelt, maar ook echte middelen en echte macht,' stelt hij.
Klimaatverandering vergroot druk op kwetsbare gemeenschappen
De bevindingen zijn vooral belangrijk voor kwetsbare gemeenschappen in informele nederzettingen, waar vermijdbare slachtoffers en schade zich concentreren. 'Klimaatverandering zorgt voor extremere weersomstandigheden, terwijl juist de gemeenten die het meest aan deze risico’s blootstaan vaak de zwakste institutionele capaciteit hebben,' aldus Mokhele.
Hij vervolgt: 'Dit onderzoek onderstreept hoe belangrijk het is dat nationaal beleid zich niet alleen richt op het uitvaardigen van richtlijnen, maar ook op het waarborgen dat gemeenten beschikken over de middelen en bevoegdheden om lokaal effectief te kunnen handelen.'
Vergelijkende casestudies in heel Zuid-Afrika
Voor zijn onderzoek gebruikte Mokhele een kwalitatieve vergelijkende casestudybenadering in vier sterk uiteenlopende Zuid-Afrikaanse regio’s: KwaZulu-Natal, de Oost-Kaap, de stad Tshwane en de Noord-Kaap. Het onderzoek combineerde 53 semigestructureerde interviews met overheidsfunctionarissen, analyses van beleid en media, participerende observatie en voortdurende betrokkenheid bij een adviesforum.
'Door dagelijkse praktijken van rampenmanagement te koppelen aan bredere bestuursstructuren, levert dit onderzoek nieuw bewijs voor de redenen waarom gedecentraliseerd rampenmanagement in Zuid-Afrika ondanks sterke wetgeving blijft worstelen,' concludeert Mokhele.
Foto: Greg Johnson