Tijdens uitbraken van infectieziekten zoals COVID-19 en ebola innoveert de wereld vaak razendsnel, maar toch bereiken levensreddende middelen landen met minder middelen vaak veel te laat, terwijl deze landen onevenredig vaak worden getroffen. Deze ongelijkheid is geen kwestie van toeval of slechte bedoelingen, maar het resultaat van een systeem dat vooral is afgestemd op de belangen van rijke landen.
Kwetsbaar en ongelijk systeem
Hoewel medische vooruitgang miljoenen levens heeft gered, toonde de coronapandemie pijnlijk aan dat het huidige systeem voor de ontwikkeling en distributie van innovaties kwetsbaar en ongelijk is. Tijdens een crisis ontstaat er een 'race' waarin landen met de meeste middelen en de grootste productiecapaciteit als eerste kunnen inkopen en opschalen, terwijl de rest achterblijft. Feddema toont aan dat investeringen in onderzoek en ontwikkeling vaak niet aansluiten bij de grootste wereldwijde gezondheidsbehoeften. Bovendien worden veel landen uitgesloten van leiderschap in het innovatieproces en leidt de sterk gecentraliseerde productie van medische middelen tot structurele afhankelijkheden. Mondiale regels, zoals strikte regels rond patenten en eigendom van kennis, en geopolitieke spanningen verdiepen deze bestaande ongelijkheden verder.
Omdat al deze belemmeringen nauw met elkaar samenhangen en elkaar versterken, stelt de onderzoeker dat we af moeten van symptoombestrijding en ad-hocoplossingen tijdens een crisis. "De volgende pandemie win je niet tijdens de uitbraak, maar in de jaren ervoor", zegt Feddema. "Door afspraken te maken, capaciteit te bouwen en verantwoordelijkheid te delen."
Duurzame verbetering vereist een aanpak van het innovatiesysteem als geheel. Dat betekent dat we nu al moeten werken aan hervormingen van mondiale beleidskaders, sterkere lokale betrokkenheid en de overgang naar gedecentraliseerde productie. Door regionale test- en productiecapaciteit op te bouwen, bijvoorbeeld in Afrika of Zuidoost-Azië, vermindert de afhankelijkheid van westerse landen aanzienlijk. Ook vooraf ingestelde internationale fondsen en harde afspraken over het sneller delen van kennis en data zijn cruciaal om bij een volgende uitbraak direct in te kunnen grijpen.
Structurele investeringen
Feddema baseerde zijn bevindingen op literatuuronderzoek, beleidsanalyses en het vergelijken van de mondiale respons op eerdere epidemieën. Zijn conclusies bieden een belangrijke blauwdruk voor beleidsmakers, internationale organisaties, financiers en farmaceuten. Het herinrichten van dit systeem is niet alleen een kwestie van rechtvaardigheid voor ontwikkelingslanden, maar dient een groot wereldwijd belang. Als testen, vaccins en medicijnen overal sneller beschikbaar zijn, duren uitbraken korter. Dit resulteert in minder lockdowns, aanzienlijk minder economische schade en een lagere sterfte. Deze hoognodige omslag vraagt om daadkrachtig beleid op de korte termijn en structurele investeringen in capaciteit voor de middellange termijn.