Waarom voelen sommige mensen zich gelukkiger dan anderen? En belangrijker nog: wat kunnen we daarvan leren om de samenleving gezonder en veerkrachtiger te maken? Het zijn precies deze vragen waar ‘geluksprofessor’ Meike Bartels van de Vrije Universiteit Amsterdam zich al jaren mee bezighoudt en onderzoeksresultaten boekt.
Welbevinden
Waar onderzoek naar mentale gezondheid vroeger vooral draaide om het voorkomen van problemen zoals depressie en angst, laat Bartels zien dat het minstens zo belangrijk is om te begrijpen wat mensen juist goed laat functioneren. Welbevinden - hoe mensen zich voelen, hoe tevreden ze zijn en of ze hun talenten en potentieel kunnen benutten - staat daarbij centraal.
Bartels maakt duidelijk dat geluk niet alleen ‘toeval’ is. Zowel genetische aanleg als leefomgeving spelen een rol. Door dit fascinerende samenspel te bestuderen, wordt beter zichtbaar waarom mensen verschillen in hun mentale gezondheid. Die kennis is essentieel: ze helpt om problemen eerder te voorkomen in plaats van pas in te grijpen als het misgaat.
Beginpunt
Maar misschien nog belangrijker: welbevinden is niet alleen een einddoel, maar juist een beginpunt. Mensen die zich goed voelen, blijken later vaak ook fysiek gezonder, sociaal sterker en maatschappelijk actiever. Investeren in welbevinden kan dus een kettingreactie veroorzaken met brede positieve effecten - van lagere zorgkosten tot sterkere gemeenschappen.
Voor haar onderzoek maakt Bartels onder meer gebruik van het Nederlands Tweelingenregister, een unieke databron met informatie over duizenden tweelingen en hun families. Door die gegevens te combineren met moderne genetische technieken ontstaat een steeds completer beeld van wat welbevinden beïnvloedt.
‘Stel welbevinden centraal’
Bartels pleit ervoor om welbevinden centraal te stellen in beleid en maatschappelijke keuzes. Denk aan onderwijs, werk en stedelijke ontwikkeling: als geluk en mentale gezondheid daar vanaf het begin worden meegenomen, kan dat bijdragen aan duurzame veranderingen in de hele samenleving.
De nieuwe leden excelleren met hun onderzoek en hechten daarnaast ook groot belang aan hun maatschappelijke rol als wetenschapper. Onder de nieuwe leden zijn zeven vrouwen en negen mannen. Op 28 september worden zij officieel geïnstalleerd.
Lees over de andere nieuwe leden op de website van de KNAW.