Voor haar onderzoek naar digitalisering en het gebruik van data in strafrechtelijke onderzoeken wint VU-wetenschapper Maša Galič de KNAW Early Career Award.
Ze is een van de twaalf winnaars van de prijzen, bestaande uit een kunstwerk en 15.000 euro, bedoeld ter ondersteuning van jonge, innovatieve onderzoekers aan het begin van hun carrière. De jury oordeelt dat Galič's onderzoek en sociale betrokkenheid "helpt om burgerrechten te beschermen in een steeds digitaler wordende samenleving."
Galič, universitair hoofddocent Privacy- en strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam, onderzoekt wat digitalisering en het gebruik van gegevens in strafrechtelijke onderzoeken betekenen voor strafzaken en de bescherming van fundamentele rechten.
Haar onderzoek betreft niet alleen de afweging tussen strafrechtelijke onderzoeken, privacy en de rechten van verdachten bij het verwerken van bulkdata, maar ook over hoe technologie effectief gebruikt kan worden om fundamentele rechten te beschermen.
Gefeliciteerd met de award! Hoe voel het?
“Ik beschouw het als een groot voorrecht dat de KNAW mijn onderzoek en maatschappelijke betrokkenheid met deze prijs erkent. Vooral als buitenlander die hard heeft moeten werken om haar plek te vinden in de Nederlandse strafrechtelijke academische wereld.”
Hoe brengt dit je onderzoek verder?
“Met deze prijs en toegang tot de KNAW-gemeenschap wil ik een nieuwe onderzoekslijn starten naar de rol van uitvoerbaarheid bij de naleving van mensenrechten in de digitale context. In de digitale context is veel mogelijk. Bijvoorbeeld, de politie, maar ook particuliere actoren, kunnen heel snel en vrij gemakkelijk enorme hoeveelheden gegevens over ons verzamelen. Mensenrechten boden vroeger een solide bescherming tegen privacy-inbreuk, maar het steeds belangrijkere idee van haalbaarheid begint hen in de weg te staan. Ik denk dat de KNAW-gemeenschap mij kan helpen deze nieuwe onderzoekslijn op gang te brengen.”
Wat hoop je te bereiken?
“Zoals de jury al heeft aangegeven: in de context van onze snel ontwikkelende digitale samenleving wil ik helpen een adequaat niveau van mensenrechtenbescherming te behouden. Ik wil dit doen door de, soms irritante, fundamentele vragen te stellen die anders misschien niet gesteld zouden worden.”