Het lichaam blijkt beter in staat zich aan te passen aan rugpijn dan vaak wordt gedacht. Bewegingswetenschapper Fangxin Xiao laat zien dat mensen, zelfs bij een blessure aan de wervelkolom of spierpijn, hun manier van bewegen grotendeels behouden. In plaats daarvan stuurt het zenuwstelsel subtiel de activiteit van specifieke rugspieren bij om stabiliteit te bewaren. Dit inzicht kan helpen om behandelingen voor lage rugpijn te verbeteren.
Het lichaam compenseert actief
Lage rugpijn is wereldwijd een van de belangrijkste oorzaken van beperkingen, maar de precieze invloed op beweging is nog niet goed begrepen. Xiao onderzocht hoe pijnprikkels en instabiliteit van de wervelkolom – afzonderlijk en samen – de aansturing van de rompspieren beïnvloeden tijdens het lopen. Uit haar onderzoek blijkt dat het lichaam zich opmerkelijk goed aanpast. Zelfs wanneer er sprake is van een blessure of pijn, blijven algemene bewegingspatronen vrijwel gelijk. Het zenuwstelsel vangt veranderingen op door de activiteit van afzonderlijke spieren aan te passen, zodat het lichaam stabiel blijft bewegen.
Meer dan wat scans laten zien
Bij lage rugpijn wordt vaak gekeken naar afwijkingen op scans van de wervelkolom. Volgens Xiao geeft dat echter niet het hele beeld. Structurele veranderingen betekenen niet automatisch dat de wervelkolom instabiel is of dat bewegen slechter gaat. Haar onderzoek toont juist aan dat het lichaam veel kan compenseren. Terwijl scans afwijkingen kunnen laten zien, blijven bewegingspatronen vaak intact doordat spieren zich aanpassen.
Op weg naar betere behandelingen
De resultaten zijn relevant voor artsen, fysiotherapeuten en mensen met lage rugpijn. Volgens Xiao moeten behandelkeuzes niet alleen gebaseerd zijn op beeldvorming: “Onze bevindingen laten zien dat het essentieel is om te begrijpen hoe het zenuwstelsel zich aanpast aan pijn en blessures. Dat inzicht kan helpen om revalidatie effectiever te maken.”
Meer informatie over dit onderzoek.