Europese bedrijven ontwikkelen meer technologieën om CO2-uitstoot te verminderen wanneer uitstoten duurder wordt. Tegelijkertijd kunnen extreme hitte en onzekerheid over de beschikbaarheid van belangrijke grondstoffen de ruimte voor innovatie beperken. Dat blijkt uit onderzoek van omgevingseconoom Henri Gruhl naar de factoren die bepalen hoe bedrijven nieuwe technologie ontwikkelen.
De overgang naar een economie met minder CO2-uitstoot vraagt niet alleen om het toepassen van bestaande technologieën. Er zijn ook nieuwe en betere oplossingen nodig. De vraag is daarom wat bedrijven ertoe aanzet om daarin te investeren, en welke omstandigheden innovatie juist moeilijker maken. Gruhl onderzocht de drie ontwikkelingen die in Europa steeds belangrijker worden: klimaatbeleid, extreme hitte en verstoringen in de internationale aanvoer van grondstoffen.
Een hogere CO2-prijs stimuleert schone technologie
Een van zijn belangrijkste bevindingen is dat bedrijven meer technologieën ontwikkelen die de uitstoot kunnen verminderen wanneer CO2-uitstoot duurder wordt. Een hogere prijs op uitstoot geeft bedrijven daarmee een financiële prikkel om op zoek te gaan naar schonere technieken.
Het effect gaat bovendien verder dan de technologieën die bedrijven zelf ontwikkelen. Gruhl ziet ook veranderingen in de samenwerkingen rond innovatie: het aandeel gezamenlijk ontwikkelde uitvindingen neemt toe, vooral in samenwerking met bedrijven die geen directe concurrenten zijn en veel kennis hebben van koolstofarme technologieën. Dat wijst erop dat klimaatbeleid niet alleen invloed heeft op de omvang van koolstofarme innovatie, maar ook op de manier waarop bedrijven samenwerken.
Extreme hitte: lagere bedrijfsopbrengsten, maar niet duidelijk minder patenten
Ook onderzocht Gruhl de gevolgen van klimaatverandering zelf. Extreme hitte vermindert de bedrijfsopbrengsten. Toch is er gemiddeld genomen weinig bewijs dat bedrijven daardoor ook minder patenten aanvragen.
Toch kan het ontbreken van een duidelijk gemiddeld effect belangrijke verschillen verhullen. Gruhl vindt aanwijzingen dat extreme hitte het aantal patenten vermindert in regio’s die minder goed aan hitte zijn aangepast en bij kleinere teams van uitvinders.
Onzekere grondstoffen kunnen innovatie afremmen
Een duidelijker effect komt naar voren bij de beschikbaarheid van kritieke grondstoffen. Gruhl en zijn coauteurs keken naar gevolgen van Chinese beperkingen op de export van zeldzame aardmetalen. Die maken het voor Europese bedrijven onzekerder of zij in de toekomst over deze belangrijke materialen kunnen beschikken.
Voor Europese bedrijven en onderzoeksinstellingen die al sterk actief zijn in technologieën waarin zeldzame aardmetalen een belangrijke rol spelen, ziet Gruhl een sterkere afname van het aantal nieuwe patenten op die terreinen dan bij minder gespecialiseerde partijen.
Belang voor de Europese klimaattransitie
Gruhls onderzoek laat daarmee twee kanten van innovatiebeleid zien. Duidelijke financiële prikkels kunnen technologische verandering stimuleren, terwijl onzekerheid over de omstandigheden waarin bedrijven moeten innoveren die ontwikkeling juist kan afremmen.
Voor de Europese klimaattransitie betekent dit dat het niet alleen belangrijk is om bedrijven te stimuleren minder CO2 uit te stoten. Ook voorspelbaarheid en toegang tot essentiële grondstoffen spelen een rol.