Tegelijkertijd krijgen promovendi de kans om hun onderzoeksvaardigheden te vertalen naar begrijpelijke en toegankelijke communicatie. In de show beantwoorden wetenschappers live vragen van kinderen op een creatieve en speelse manier, vaak met behulp van visuele en praktische voorbeelden. Het project reist jaarlijks langs verschillende steden in Nederland en wordt gefinancierd door onder andere NWO, de Universiteit Utrecht en de Vrije Universiteit Amsterdam.
Toekomstvisie Hoe?Zo! Show
De ambitie is dat initiatieven zoals de Hoe?Zo! Show een vaste plek krijgen binnen het onderwijs, vooral op scholen met diverse achtergronden. Het aanleren van wetenschappelijk/critisch denken - zoals vragen stellen, hypotheses vormen en kritisch omgaan met informatie - is essentieel, zeker in een tijd waarin informatie overvloedig maar niet altijd betrouwbaar is. Tatvan Todor: "Ik hoop dat de show bijdraagt aan het toegankelijk maken van wetenschap voor alle kinderen."
Belangrijke impact
De Hoe?Zo! Show laat zien waar wetenschap naartoe beweegt: meer nadruk op impact, toegankelijkheid en verbinding met de samenleving. Als wetenschappers werken we vaak binnen academische muren, maar initiatieven zoals deze maken kennis zichtbaar en relevant. Tegelijkertijd leren wij als onderzoekers zelf ook om beter te communiceren en buiten onze eigen kaders te denken. Vooral bij de Hoe?Zo! Show ga ik iedere keer naar huis met het gevoel dat die kinderen mij meer hebben geleerd dan ik hen en dat ze mijn nieuwsgierigheid naar de wereld opnieuw hebben aangewakkerd.
Grootste uitdaging
De grootste uitdaging is om complexe concepten toegankelijk te maken voor kinderen, zonder te onderschatten wat ze kunnen begrijpen. Als wetenschappers denken we soms te snel dat iets te moeilijk is, terwijl kinderen vaak juist verrassend goed mee kunnen denken. Waar volwassenen soms vastzitten in jargon, laten kinderen juist zien hoe flexibel denken kan zijn. Vragen zoals “heeft het heelal een einde?” dwingen ons om abstracte theorieën op een visuele en begrijpelijke manier uit te leggen.
Voorbeelden van vragen
Mooie vragen die we van de kinderen uit het publiek kregen en ter plekke mochten beantwoorden:
“Welke hersenziekte is het ergst?”
We hebben dit uitgebeeld met twee sponzen: één met grote gaten en één met kleinere gaten. Zo lieten we zien wat er met je hersenen gebeurt bij ziekten zoals Parkinson of Alzheimer (ziektes die kinderen vaak kennen via hun grootouders).
We legden uit dat “de ergste” ziekte afhangt van de persoon. Voor iemand die sterk afhankelijk is van geheugen (zoals een wetenschapper) kan Alzheimer heel ingrijpend zijn, terwijl Parkinson juist heel zwaar kan zijn voor iemand die bijvoorbeeld altijd heeft gedanst, vanwege de bewegingsproblemen.
We koppelden dit terug naar hun nieuwsgierigheid: waarom krijgen sommige mensen deze ziekten? Waarom vooral ouderen? En kunnen we ze genezen?
“Hoe kunnen we zien?”
Hiervoor gebruikten we een grote strandbal als oog, een zwembadnoedel als staafje (receptor) en een vioolkoffer als kegeltje. Met gekleurde ballen (fotonen) lieten we zien hoe licht wordt opgevangen.
We legden uit dat kegeltjes zorgen voor kleurenzien overdag, terwijl staafjes gevoeliger zijn en ons helpen in het donker - vooral om contouren en zwart-wit te zien. Van daaruit ontstond ook een mooie vervolgvraag: hoe zit het met blindheid? En kunnen blinde mensen kleuren dromen?