Kunstmatige Intelligentie (AI) speel een steeds grotere rol. Robots worden bijvoorbeeld steeds vaker ingezet als 'maatje' voor eenzame ouderen. Kruijt onderzocht of het mogelijk is een robot te leren hoe mensen praten en zich daaraan aan te passen, zodat de communicatie met zo’n robot natuurlijk en persoonlijk wordt en er misschien zelfs sprake is van een uniek ‘taaltje’ tussen robot en mens.
Experimentele methode
“Om dit te onderzoeken is het nodig dat mens en robot langere tijd met elkaar praten,” aldus Kruijt. Daarom ontwikkelde hij met collega’s een experimentele methode waarbij een robot en een mens samen een spel spelen. “Het spel lijkt een beetje op ‘Wie is het?’ of ‘Zoek de verschillen’,” legt hij uit. “Deelnemers praten met de robot over wie ze zien op hun plaatjes. Zo worden ze gestimuleerd om personen te beschrijven en referenties te gebruiken.”
Interactie
Aan de hand van deze gesprekken onderzocht Kruijt hoe de manier van verwijzen naar personen in de loop van het spel veranderde. “We wilden weten of die referenties korter, persoonlijker en efficiënter worden naarmate de interactie vordert – zoals dat bij mensen onderling gebeurt.”
Model voor robot
Hiervoor ontwikkelde hij een speciaal model voor de robot, waarmee hij de interpretatie van menselijke omschrijvingen kon beïnvloeden. In plaats van gebruik te maken van grote taalmodellen zoals ChatGPT, koos Kruijt voor zelfgebouwde methoden. “Op die manier konden we de keuzes van de robot beter controleren en verklaren.”
Mens-robot-communicatie
Uit het onderzoek blijkt dat mensen vrij gedetailleerde omschrijvingen blijven gebruiken, ook na langere interactie met de robot. “Tussen mensen ontstaan al snel bijnamen of korte verwijzingen. Bij robots zagen we dat veel minder, dus mijn onderzoek laat een duidelijk verschil zien bij mens-robot-communicatie.”
Context
Uit het onderzoek blijkt verder dat er heel veel aspecten zijn die invloed hebben op de woordkeuze van de mens om een persoon te omschrijven en op hoe goed de robot die omschrijving dan kan begrijpen. “De context van een gesprek is de belangrijkste factor. Wanneer er veel interpretaties mogelijk zijn van een referentie, wordt die referentie gedetailleerder om miscommunicatie te voorkomen. De mens is hier zich beter bewust van dan de robot. Hierdoor worden ze het minder snel eens over welke referentie ze gebruiken, en ligt miscommunicatie alsnog op de loer,” aldus Kruijt.
Vooruitgang
Toch ziet Kruijt wel degelijk vooruitgang. “De communicatie tussen mens en robot werd wel degelijk succesvoller. Deelnemers en robots begrepen elkaar na verloop van tijd beter, ook al ontstond er geen echte gezamenlijke taal zoals bij mensen.”
Toekomst
“De resultaten van mijn onderzoek zijn relevant voor de ontwikkeling van meer sociale, persoonlijke vormen van kunstmatige intelligentie,” stelt Kruijt. “Denk hierbij aan sociale zorgrobots, die mensen in een verzorgingstehuis gezelschap houden en sociaal actief houden.” Kruijt benadrukt dat met zijn methode de keuzes die de robot maakt beter te controleren zijn dan met die van de alom aanwezige grote taalmodellen. “Dat heeft als gevolg dat het gedrag van de robot en beter is te verklaren. Tegelijkertijd laat het zien dat er veel werk nodig is om sociale robots daadwerkelijk op het niveau te brengen waarbij ze goed gezelschap zijn voor mensen.”
Foto: Peggy van Minkelen