Een nieuwe klimaatzaak is groot aanwezig in het nieuws: Greenpeace en de bewoners van Bonaire vinden dat Nederland meer vaart moet zetten achter maatregelen tegen de klimaatverandering. De rechtszaak, waarvan de voorbereidingen al in 2022 zijn begonnen, is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek dat is uitgevoerd door een team onderzoekers van het Institute for Environmental Studies (IVM) aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Het onderzoek wees uit dat de bewoners van Bonaire door de gevolgen van de klimaatverandering groot gevaar lopen. De meest ambitieuze eis die ze in hun zaak voor de rechter brengen, is dat het land al in 2030 volledige klimaatneutraliteit bereikt. De rechtszaak is vernieuwend omdat die is opgebouwd als een ladder van vorderingen in plaats van als één enkele alles-of-niets-eis.
Wat houdt dat in?
In plaats van de rechter te vragen om de zaak in zijn geheel ofwel toe te wijzen ofwel te verwerpen, dienen de eisers een reeks vorderingen in. Boven aan de ladder staat de oproep voor klimaatneutraliteit in 2030. Onderaan vragen ze de rechtbank simpelweg om te bevestigen dat de staat op zijn minst zijn eigen wettelijke klimaatdoelstellingen moet bereiken, doelstellingen die Nederland, zoals de zaken er nu voorstaan, niet zal halen. De treden ertussen zijn bijvoorbeeld de eis dat de staat een nationale koolstofbegroting opstelt en reductieroutes neemt die wellicht minder rigoureus maar nog steeds ambitieus zijn.
Klimaataanpassing voor Bonaire
Een ander vernieuwend aspect aan de zaak is de klimaataanpassing. Greenpeace verwijt de Nederlandse staat dat die in Caribisch Nederland veel minder bescherming tegen klimaatrisico’s biedt dan in het Europese deel van het land. Bonaire wordt geconfronteerd met ernstige bedreigingen: koraalverbleking door de opwarming van het zeewater, verlies van inkomsten uit toerisme, de stijgende zeespiegel, waardoor cultureel erfgoed in gevaar komt, zoals de historische hutten van tot slaaf gemaakten. De eisers verzoeken om risico-assessments, een toepasselijke begroting en concrete maatregelen zoals het herstel van mangroven als natuurlijke kustbescherming.
Juridische basis
Greenpeace plaatst de rechtszaak in een breed juridisch kader: mensenrechten, anti-discriminatiecriteria, internationaal klimaatrecht en nationale aansprakelijkheidsregelgeving. Deze meerkoppige en gelaagde benadering roept de rechtbank op om een juridische ondergrens te vestigen: een basislijn waar de staat niet onder mag komen.
Hoe nu verder?
Aan het einde van de rechtszitting van vandaag wordt de datum bekendgemaakt waarop er uitspraak wordt gedaan. Een rechterlijke uitspraak in het voordeel van de eisers bespoedigt nationaal klimaatbeleid en zet de verplichting van de staat om kwetsbare gebieden als Bonaire te beschermen, kracht bij. In een breder licht fungeert de rechtszaak als cruciaal vangnet: hij maakt, in een tijd waarin de klimaatcrisis escaleert en duurzaamheidsambities onder druk staan, gerechtelijke toetsing mogelijk van de onttrekking van de Nederlandse staat aan verplichtingen die de staat zelf is aangegaan.