Sorry! The information you are looking for is only available in Dutch.
Deze opleiding is bewaard in Mijn studiekeuze.
Deze opleiding kan niet bewaard worden.
Je bent nog niet ingelogd in Mijn studiekeuze. Log in of maak een account aan om jouw opleidingen op te slaan.
Er gaat iets mis, probeer het later nog een keer.

VU-alumnus Nadine Kole innoveert gehandicaptenzorg bij Cordaan

Nadine Kole studeerde Artificial Intelligence aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Momenteel werkt ze bij Cordaan/Ons Tweede Thuis waar ze de eigen regie van cliënten verbetert met behulp van AI.

Wat doe je precies bij Cordaan?
“De Marius Meijboom-locatie biedt 24-uurs zorg aan mensen met een Ernstig Meervoudige Beperking (EMB); onze cliënten hebben zowel een verstandelijke als een lichamelijke beperking. Ik houd me bezig met het realiseren van innovaties voor onze cliënten. Vooral het vergroten van de eigen regie is een onderwerp waar ik veel mee bezig ben. Door te kijken hoe we cliënten meer invloed op hun eigen leven en leefomgeving kunnen geven, betrekken we ze meer bij de inrichting van hun dagelijks leven en hebben ze meer succeservaringen. Bijvoorbeeld doordat ze zelf de muziek kunnen bedienen op de iPad met een knop of meehelpen in het huishouden met aangepaste apparaten. Ik bedenk ook nieuwe oplossingen. Ik soldeer, knutsel en programmeer een prototype dat we vervolgens uitproberen. Ik heb bijvoorbeeld een programma geschreven waardoor een cliënt met oogbesturing foto’s kan bekijken.”

Hoe zorg je dat innovaties ook goed landen bij zorgcollega’s?
“Ik verbind de zorgcollega’s en de techneuten met elkaar. Deze twee groepen spreken een andere taal. Bij AI op de VU hebben we beide talen leren spreken, hierdoor kan ik met beide groepen goed afstemmen en de wensen van mijn collega’s duidelijk overbrengen aan de techneuten. Vervolgens kan ik de reactie van de techneut uitleggen aan mijn collega’s in de zorg. Ik werk zelf ook een dag op de groep in het weekend. Dit doe ik omdat ik het erg leuk vind om contact met mijn cliënten te hebben, en zo doe ik ook nieuwe ideeën op. Daarnaast is het belangrijk om ook de collega’s mee te nemen in het ontwikkelen, anders stuit je bij de implementatie vaak op weerstand. Eenvoudig aansturen, niet lang wachten met opstarten en verbinden, is erg belangrijk voor het succes van innovaties.”

Hoeveel AI-technologie wordt er eigenlijk al toegepast in de gehandicaptenzorg?
“Het is op dit moment erg in opkomst. Op de VU is een ‘slimme sok’ ontwikkeld, die meet spanning door huidgeleiding. Deze is ingezet bij mensen die zelf niet kunnen zeggen dat ze pijn hebben. Een aantal cliënten op de locatie gebruikt een computer om te communiceren, zij hebben hun vocabulaire in een programma staan. Er zijn cliënten die hun spraakcomputer met touchscreen gebruiken, maar er zijn ook cliënten die hem besturen met hun ogen, eyetracking. Een eyetracker is een balkje die je onder een computerscherm hangt en je kijkrichting op het scherm vertaald naar de schermpositie. Er wordt infrarood licht uitgestuurd, dit wordt weerkaatst door je ogen en vervolgens weer opgevangen door de eyetracker. Om dit signaal te vertalen naar een positie op het scherm wordt er gebruik gemaakt van filteralgoritmes die de afbeelding verwerken en wiskundige modellen om de positie te bepalen.
Er wordt ook steeds meer gekeken of cliënten met hun spraakcomputer (of een ander device) ook hun omgeving kunnen aansturen. Bijvoorbeeld de gordijnen openen en sluiten, de tv bedienen, verlichting, deur. Soms schrijf ik een extra interface voor bestaande software, zodat mijn cliënten er gebruik van kunnen maken. Zo heb ik bijvoorbeeld een programma gemaakt waardoor mijn cliënten zelf in snapchat van filter kunnen wisselen met een externe schakelknop.”

Wat zijn uitdagingen in dit toepassingsgebied van AI?
“De financiering van innovaties voor een cliënt is momenteel lastig. Hulpmiddelen voor een cliënt moeten vanuit het zorggeld betaald worden. Als er dan een extra hulpmiddel aangeschaft wordt, moet dit uit hetzelfde potje geld komen. Voor innovaties die kosten besparen is het duidelijk. Maar in het geval van een spraakcomputer is er niet een financieel voordeel; het is de kwaliteit van leven van de cliënt die verbetert. En qua techniek is het nu nog heel vervelend dat cliënten die gebruik maken van eytracking dit niet buiten kunnen doen omdat de infrarode straling dan wordt verstoord door het zonlicht. Dus bij mooi weer kunnen zij dan nog steeds niet communiceren.”

Wat trekt jou zo aan in dit werk?
“Ik wil technologie toepassen met een betekenis. Dus niet iets programmeren omdat het moet, maar echt met een cliënt in gedachten iets maken. Dat zorgt ervoor dat ik net dat stapje extra wil zetten. Als je het daarna gaat testen met die cliënt en je ziet hoe deze ervan geniet geeft dat mij zo’n kick! Hier doe ik het voor!”

Waarom koos je ervoor om AI aan de VU te studeren?
“Ik heb bewust gekozen voor AI (toen nog Lifestyle Informatics) aan de VU, omdat ik technologie wil maken en inzetten die werkt voor mensen. Dus echt de verbinding tussen het sociale domein en de technische kant. Tijdens mijn studie heb ik ook als ‘bijbaan’ gewerkt in de gehandicaptenzorg in de dagelijkse zorg. Af en toe maakte ik dan iets voor de cliënten. Vanuit de afdeling Pedagogiek van de VU loopt er nu een onderzoek waarbij (aankomend) begeleiders in de gehandicaptenzorg een VR-training krijgen. In de VR-omgeving oefenen zij gesprekstechnieken met een avatar die een licht verstandelijke beperking heeft. Deze applicatie heb ik in mijn functie bij het Netwerk Instituut van de VU ontwikkeld samen met de onderzoekers van Pedagogiek.”

Waar moet het volgens jou heen met AI in de gehandicaptenzorg?
“Ik zou graag willen dat er meer vanuit een vraag gewerkt wordt. Vanuit de vraag van cliënt/ouders/begeleiders gaan kijken naar een oplossing. Als technologie aangeschaft wordt omdat het leuk of futuristisch is wordt dit, in mijn ervaring, veel minder gebruikt dan wanneer iets is aangeschaft vanuit een vraag. Daarnaast is er veel aandacht voor het vergroten van de eigen regie en zelfredzaamheid van mensen. Kleine dingen kunnen veel verschil maken! Door kleine aanpassingen ervoor zorgen dat cliënten mee kunnen doen met leeftijdsgenoten, zoals bijvoorbeeld samen gamen. En verder zouden materialen die aangepast zijn voor de zorg niet veel duurder moeten zijn dan normaal. Hopelijk wordt technologie zoals eyetracking betaalbaarder, waardoor meer cliënten hiermee in aanraking kunnen komen.”